Constructie en materiaalleer retail design (2415) |
Onderwijstaal : Nederlands |
Studiepunten: 3,0 | | | Periode: semester 1 (3sp) | | | 2de Examenkans1: Ja | | | Eindcijfer2: Numeriek |
Volgtijdelijkheid
|
|
Verplichte volgtijdelijkheid op niveau van de opleidingsonderdelen
|
|
|
Adviserende volgtijdelijkheid op niveau van de opleidingsonderdelen
|
|
|
|
Er wordt sterk aangeraden om dit OPO gelijktijdig te volgen met ontwerpstudio 'Retail design' omwille van de specifieke context en schaalgrootte van de projecten. De kennis en vaardigheden zijn meer relevant en makkelijker te studeren als dit gelijktijdig wordt gevolgd.
|
|
|
In dit opleidingsonderdeel komen onder andere volgende leerinhouden aan bod:
In het theoretisch luik:
De nadruk ligt vooral op de vertaling van CUSTOMER EXPERIENCE & LOOK&FEEL in de fysieke commerciele ruimte
- materiaalleer i.f.v. retailomgeving
- plafondsystemen
- reksystemen en displays
- verlichting/liften (retailomgeving)
- voedselveiligheid
- brandbeveiliging i.f.v. retail
- HVAC
In het Practicum luik:
De theoretische kennis wordt verondersteld toegepast te worden tijdens de observatieuren van de kijkstage. De student wordt verondersteld een kijkstageplek zelf te zoeken (bij voorkeur werf in uitvoering retail/horeca) vanaf het begin van het semester, regelmatig bezoeken. Dit is een groepsopdracht welke wordt gepresenteerd in een verslag (foto's, plannen, planning, materiaalgebruik, kritische noot).
|
|
|
|
|
|
|
Excursie/veldwerk ✔
|
|
|
Hoorcollege ✔
|
|
|
Ontwerpstudio ✔
|
|
|
|
|
|
Casestudy ✔
|
|
|
Groepswerk ✔
|
|
|
Verslag ✔
|
|
|
|
Periode 1 Studiepunten 3,00
Evaluatievorm | |
|
Schriftelijke evaluatie tijdens onderwijsperiode | 40 % |
|
Behoud van deelcijfer in academiejaar | ✔ |
|
Voorwaarde behoud van deelcijfer in academiejaar | De evaluatie van de tweede examenkans bestaat opnieuw uit 40%
practicum-opdrachten en 60% schriftelijk examen. Indien de student
geslaagd is voor een deelevaluatie in eerste zit, wordt - zonder
tegenbericht van de student - het geslaagd deelcijfer overgedragen naar
de 2e examenkans. |
|
|
|
|
|
|
|
|
Schriftelijk examen | 60 % |
|
Behoud van deelcijfer in academiejaar | ✔ |
|
Voorwaarde behoud van deelcijfer in academiejaar | De evaluatie van de tweede examenkans bestaat opnieuw uit 40%
practicum-opdrachten en 60% schriftelijk examen. Indien de student
geslaagd is voor een deelevaluatie in eerste zit, wordt - zonder
tegenbericht van de student - het geslaagd deelcijfer overgedragen naar
de 2e examenkans. |
|
|
|
|
|
|
|
|
Gebruik studiemateriaal tijdens evaluatie | ✔ |
|
Toelichting | Schrijf- & tekengerief |
|
|
|
Evaluatievoorwaarden (deelname en/of slagen) | ✔ |
|
Voorwaarden |
- Verplichte deelname evaluatie: De student dient aan élk onderdeel van de evaluatie (practicumopdracht én examens) deel te nemen en voor de deadline in te dienen om te kunnen slagen voor het geheel van het opleidingsonderdeel.
- Toepassing cesuur: Een student moet op deelcijfer PRACTICUM én deelcijfer THEORIE min. 10/20 behalen om te kunnen slagen voor het totale opleidingsonderdeel.
|
|
|
|
Gevolg |
- Verplichte deelname evaluatie: Indien de student niet tijdig (= voor de gestelde deadline) de practicumopdrachten indient en/of niet deelneemt aan de examens, krijgt hij voor de evaluatie van die betreffende zittijd een A in plaats van een cijfer (A= ongewettigd afwezig)
- Toepassing cesuur: Indien de student minder dan 10/20 haalt op 1 of meerdere deelevaluaties telt het laagste deelcijfer als eindcijfer. voor de betreffende zittijd.
|
|
|
|
Tweede examenkans
Evaluatievorm tweede examenkans verschillend van eerste examenkans | |
|
Toelichting evaluatievorm | De evaluatie van de tweede examenkans bestaat voor 60% schriftelijk
examen en een 40% practicum oefening
(bvb opmeting display/kassameubel en uittekenen. Ook voor de tweede
examenkans geldt dat het indienen van de opdracht (of het behouden van
het geslaagd deelpunt op de opdracht) een voorwaarde is om
deel te nemen aan het examen. Indien de student minder dan 10/20 haalt
op 1 of meerdere deelevaluaties telt het laagste deelcijfer als
eindcijfer voor de betreffende zittijd. |
|
|
|
|
 
|
Verplicht studiemateriaal |
|
De presentaties worden beschikbaar gesteld via Blackboard; een overzicht van eventueel ander studiemateriaal wordt ook meegedeeld via Blackboard |
|
 
|
Aanbevolen literatuur |
|
Neufert, Ernst Neufert, uitgeverij Wiley Blaclwell - 7th Edition 9781110973945, uitgegeven 09/10/2023
Jellema deel 5 Afbouw,L.W. ter Laan,ThiemeMeulenhoff bv,9789006951677
Basics of Interior design - retail design,Stephen Anderson / Lynne Mesher,2019,AVA publishing,9781474289252,update van vorig book (2010) |
|
 
|
Opmerkingen |
|
Het opleidingsonderdeel is sterk gelinkt aan de ontwerpstudio |
|
|
Eindcompetenties bachelor in de interieurarchitectuur
|
- EC
| Heeft kennis over de specifieke ontwerpeigenschappen binnen de domeinen meubel/wonen, retail design, scenografie en herbestemming en kan de basis onderzoeks- en ontwerpmethodes eigen aan deze domeinen uitvoeren. | - EC
| Kan bij het ontwerpen met inzicht in de eigenschappen, mogelijkheden en beperkingen van materialen, een concept vertalen naar specifieke ontwerpelementen zoals licht, kleur, vorm en oppervlaktetechnieken. | - EC
| Kan een interieure ruimte, al dan niet van architectuurhistorische waarde, ontwerpen waarbij men de beleving en wensen van de gebruiker en/of opdrachtgever steeds centraal stelt. | - EC
| Kan een ontwerp communiceren aan leken en specialisten in beeld, geschreven en gesproken woord en daarbij gebruik maken van de gepaste visualisatietechnieken, zowel digitale als handmatige. | - EC
| Kan een ruimtelijk concept vertalen naar een ontwerp, rekening houdend met bouw- en installatietechnieken, comfort en energie, en ecologie. | - EC
| Kan het beroep van interieurarchitect en de rol ervan binnen de evoluerende maatschappelijke context ethisch en kritisch kaderen, bewaken en profileren. | - EC
| Kan inzichten uit de humane wetenschappen, exacte wetenschappen en kunsten integreren met kennis en inzicht in de methoden, theorieën en (inter)nationale historische en actuele ontwikkelingen binnen de interieurarchitectuur. | - EC
| Kan op zelfstandige wijze plannen, organiseren, ondernemen en samenwerken in de context van een ontwerpproces en eenvoudige managementtaken uitvoeren in de context van een (ver)bouw(ings)proces.De student kan hierbij kritisch reflecteren om zo eigen werk, visie en proces bij te sturen. | - EC
| Kan vorm en inhoud geven aan de bijzondere relatie tussen gebruiker, (gebouwde) ruimte en meubilair en kan hierover basisonderzoek verrichten en integreren in het ontwerpproces. | - EC
| Kan wetenschappelijke informatie zoeken, ontsluiten, beheren en kritisch synthetiseren en ontwerpt vanuit een onderzoekende houding. |
|
|
|
| EC = eindcompetenties DC = deelcompetenties BC = beoordelingscriteria |
Aangeboden in | Tolerantie3 |
3de bachelorjaar in de interieurarchitectuur
|
J
|
schakelprogramma master in de interieurarchitectuur
|
J
|
voorbereidingsprogramma master in de interieurarchitectuur
|
J
|
|
|
1 Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 12.2, lid 2. |
2 Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 15.1, lid 3. |
3 Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 16.9, lid 2.
|
|