Constructie en materiaalleer herbestemming (2420) |
Onderwijstaal : Nederlands |
Studiepunten: 3,0 | | | Periode: semester 2 (3sp) | | | 2de Examenkans1: Ja | | | Eindcijfer2: Numeriek |
Volgtijdelijkheid
|
|
Verplichte volgtijdelijkheid op niveau van de opleidingsonderdelen
|
|
|
Adviserende volgtijdelijkheid op niveau van de opleidingsonderdelen
|
|
|
|
In dit opleidingsonderdeel komen volgende leerinhouden aan bod: - Constructies en technieken voor herbestemmingsprojecten
- Opmaak van constructiedetails ahv tekenconventies
- Inzicht in specifieke constructieelementen zoals funderingen, vloeren, wanden, buitenschrijnwerk, daken en interieur toegepast op herbestemmingsprojecten
- Restauratie en renovatietechnieken
- Installatietechnieken: HVAC-installaties (verwarming - ventilatie - koeling - luchtbehandeling)
- Wettelijk kader: klassering en bescherming historische gebouwen
|
|
|
|
|
|
|
Hoorcollege ✔
|
|
|
Practicum ✔
|
|
|
|
|
|
Huiswerktaken ✔
|
|
|
|
Periode 2 Studiepunten 3,00
Evaluatievorm | |
|
Schriftelijk examen | 50 % |
|
Behoud van deelcijfer in academiejaar | ✔ |
|
Voorwaarde behoud van deelcijfer in academiejaar | Indien de student geslaagd is voor dit evaluatie-onderdeel in 1ste zit,
kan hij/zij ervoor kiezen dit deelpunt te behouden voor de 2de
examenkans |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Mondeling examen | 50 % |
|
Behoud van deelcijfer in academiejaar | ✔ |
|
Voorwaarde behoud van deelcijfer in academiejaar | Indien de student geslaagd is voor dit evaluatie-onderdeel in 1ste zit,
kan hij/zij ervoor kiezen dit deelpunt te behouden voor de 2de
examenkans |
|
|
|
|
|
|
|
Evaluatievoorwaarden (deelname en/of slagen) | ✔ |
|
Voorwaarden | 1) De practicumopdracht dient tijdig en volgens de gecommuniceerde richtlijnen te worden ingediend
2) Een student moet minstens 10/20 halen op het theoretisch deel en minstens 10/20 op het praktisch deel opdat het totaalcijfer mathematisch wordt berekend |
|
|
|
Gevolg | 1) Indien dit niet gebeurt, krijgt de student een 0 voor dit deel van de evaluatie
2) Indien een student minder dan 10/20 haalt op het theoretisch deel of op het praktisch deel telt het laagste deelcijfer als eindcijfer voor de betreffende zittijd |
|
|
|
Tweede examenkans
Evaluatievorm tweede examenkans verschillend van eerste examenkans | |
|
Toelichting evaluatievorm | Indien de student op één van beide delen (theoretisch of praktisch deel)
geslaagd is, kan hij/zij ervoor kiezen het geslaagd deelcijfer te
behouden voor de tweede examenkans. |
|
|
|
|
 
|
Verplicht studiemateriaal |
|
het studiemateriaal wordt tijdens het semester via Blackboard ter beschikking gesteld |
|
 
|
Aanbevolen studiemateriaal |
|
laptop, softwarepakketten, tekenprogramma, tekenmateriaal |
|
 
|
Opmerkingen |
|
Gemengd (theorie & praktijk) - practicum geïntegreerd in de ontwerpstudio herbestemming |
|
|
Eindcompetenties bachelor in de interieurarchitectuur
|
- EC
| Heeft kennis en inzicht in de juridische, deontologische, bedrijfskundigeen budgettaire basisbegrippen van het ontwerpen en ondernemen. | - EC
| Heeft kennis over de specifieke ontwerpeigenschappen binnen de domeinen meubel/wonen, retail design, scenografie en herbestemming en kan de basis onderzoeks- en ontwerpmethodes eigen aan deze domeinen uitvoeren. | - EC
| Intuïtie, experiment en associatief denken, verbeelding en emoties inzetten in het ontwerp en hierbij blijk geven van een artistiek-exploratieve, beeldende invalshoek. | - EC
| Kan bij het ontwerpen met inzicht in de eigenschappen, mogelijkheden en beperkingen van materialen, een concept vertalen naar specifieke ontwerpelementen zoals licht, kleur, vorm en oppervlaktetechnieken. | - EC
| Kan een interieure ruimte, al dan niet van architectuurhistorische waarde, ontwerpen waarbij men de beleving en wensen van de gebruiker en/of opdrachtgever steeds centraal stelt. | - EC
| Kan een ontwerp communiceren aan leken en specialisten in beeld, geschreven en gesproken woord en daarbij gebruik maken van de gepaste visualisatietechnieken, zowel digitale als handmatige. | - EC
| Kan een ruimtelijk concept vertalen naar een ontwerp, rekening houdend met bouw- en installatietechnieken, comfort en energie, en ecologie. | - EC
| Kan het beroep van interieurarchitect en de rol ervan binnen de evoluerende maatschappelijke context ethisch en kritisch kaderen, bewaken en profileren. | - EC
| Kan ontwerpen op verschillende schaalniveaus, van meubel tot stedelijke ruimte, rekening houdend met de interactie tussen deze schaalniveaus. | - EC
| Kan op zelfstandige wijze plannen, organiseren, ondernemen en samenwerken in de context van een ontwerpproces en eenvoudige managementtaken uitvoeren in de context van een (ver)bouw(ings)proces.De student kan hierbij kritisch reflecteren om zo eigen werk, visie en proces bij te sturen. | - EC
| Kan vorm en inhoud geven aan de bijzondere relatie tussen gebruiker, (gebouwde) ruimte en meubilair en kan hierover basisonderzoek verrichten en integreren in het ontwerpproces. | - EC
| Kan wetenschappelijke informatie zoeken, ontsluiten, beheren en kritisch synthetiseren en ontwerpt vanuit een onderzoekende houding. |
|
|
|
| EC = eindcompetenties DC = deelcompetenties BC = beoordelingscriteria |
Aangeboden in | Tolerantie3 |
3de bachelorjaar in de interieurarchitectuur
|
J
|
schakelprogramma master in de interieurarchitectuur
|
J
|
voorbereidingsprogramma master in de interieurarchitectuur
|
J
|
|
|
1 Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 12.2, lid 2. |
2 Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 15.1, lid 3. |
3 Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 16.9, lid 2.
|
|