De elektronische studiegids voor het academiejaar 2025 - 2026 is onder voorbehoud.





Masterproef - Elektronica-ICT (2857)

  
Coördinerend verantwoordelijke :Prof. dr. Kris AERTS 
  
Co-titularis :Prof. dr. ing. Kris MYNY 
  
Lid van het onderwijsteam :dr. Bart DREESEN 
 Prof. dr. ir. Jan GENOE 


Onderwijstaal : Nederlands


Studiepunten: 20,0
  
Periode: semester 1 (0sp)semester 2 (20sp)
  
2de Examenkans1: Ja
  
Eindcijfer2: Numeriek
 
Examencontract: niet mogelijk


 
Volgtijdelijkheid
 
   Verplichte volgtijdelijkheid op niveau van de opleidingsonderdelen
 
 
  Volgende opleidingsonderdelen dient u ook opgenomen te hebben in uw studieprogramma in een voorgaande onderwijsperiode.
    Bachelorproject INGenieur - Elektronica-ICT (3432) 9.0 stptn
 
  De student heeft tot op heden alle opleidingsonderdelen opgenomen in volgend studieprogramma om het onderliggende bachelordiploma te kunnen behalen
    bachelor in de industriële wetenschappen - elektronica-ICT  
 

Inhoud

De masterproef bestaat uit een theoretische en praktische benadering van een technologische probleemstelling in één of meer leerdomeinen.

De student(e) moet vanuit een specifieke onderzoeksvraag zelfstandig naar oplossingen zoeken en alternatieven afwegen. Dit omvat het opzetten van een onderzoeksplan met eigen keuzes en ontwerpbeslissingen. Het begrip onderzoeksvraag moet geïnterpreteerd worden als een toepassingsgerichte probleemstelling in een bedrijfscontext of in een ingenieurscontext binnen (toegepast) wetenschappelijk onderzoek. De masterproef kan dan ook zowel binnen een bedrijf plaats vinden als binnen een onderzoeksinstelling, en kan een stage op de werkvloer omvatten.

De masterproef vormt het sluitstuk van de opleiding tot industrieel ingenieur, waarin activiteiten zoals het onderzoeken en toepassen van nieuwe domeinspecifieke wetenschappelijke vindingen of recente technologieën en technieken, maar ook het concipiëren, plannen en projectmatig uitvoeren van de onderzoeksstrategie centraal staan. De eventuele stage brengt de toekomstige ingenieur in contact met de bedrijfsrealiteit, en dit met het oog op het toekomstige beroepsleven. Tenslotte beoogt de masterproef ook de verdere ontwikkeling van mondelinge en schriftelijke communicatieve vaardigheden. Deze vaardigheden worden niet alleen via het proefschrift en de publieke verdediging van de masterproef verworven, maar ook via allerlei leverbaarheden doorheen de volledige looptijd van de masterproef.

De masterproef is een zelfstandig werkstuk van de student (voornamelijk individueel en soms in teams van twee (interdisciplinaire) studenten) onder begeleiding van (co)promotoren en met begeleiding op het gebied van de communicatie-leverbaarheden.

Onderwerpkeuze en toekenning.

In de loop van het voorgaande academiejaar ontvangt de student een lijst van mogelijke onderwerpen vanuit volgende bronnen:

  • geformuleerd door een onderzoeksgroep van een van beide universiteiten (UHasselt en KU Leuven) vanuit eigen onderzoeksprojecten;
  • geformuleerd door de industrie of een externe onderzoeksinstelling;
  • door de student zelf aangebracht.

Het onderwerp dient door de coördinerend verantwoordelijke MP goedgekeurd te worden.

De student dient een top drie van voorkeuren in en op basis van zowel de voorkeur van de student als van de opdrachtgever krijgt de student een onderwerp toegewezen.

Begeleiding en planning

Elke masterproef wordt begeleid door een team van (co)promotoren en, in voorkomend geval, dagelijkse begeleiders. Indien de masterproef in samenwerking met een bedrijf of externe onderzoeksinstelling gebeurt, is er naast de externe promotor(en) ook een interne promotor van de universiteit. Het OMT bepaalt wie dat is.

Studenten en promotoren bakenen het onderwerp duidelijk af en maken gedetailleerde werkafspraken. Afhankelijk van de selectie van keuzevakken kan de nadruk meer in het eerste of tweede semester liggen, maar sowieso wordt gevraagd om de onderzoeksopzet in het eerste semester te finaliseren.

Er wordt op regelmatige tijdstippen mondeling en/of schriftelijk gerapporteerd over de vordering van de masterproef. Tijdens de geplande contactmomenten wordt de werkplanning en de vordering geëvalueerd en indien nodig bijgesteld.

Er worden ondersteunende sessies georganiseerd rond onderzoeksmethodologie en communicatie, onder de titel Masterproefseminarie.

Verdere details omtrent de organisatie en het masterproefseminarie worden verspreid via een leidraad, het elektronisch leerplatform en de website masterproef.be.

Administratie

Het tijdig afhandelen van alle administratieve verplichtingen i.v.m. de masterproef, in het bijzonder het tijdig laten ondertekenen van stagecontract en aanverwante document vòòr het begin van de masterproef, is de individuele verantwoordelijkheid van de student. Meer info opmasterproef.be.




Organisatie- / Werkvormen
Organisatievormen  
Individueel begeleidingsmoment  
Masterproef  
Werkvormen  
Presentatie  


Evaluatie

Periode 2    Studiepunten 20,00

Evaluatievorm
Schriftelijke evaluatie tijdens onderwijsperiode25 %
Behoud van deelcijfer in academiejaar
Voorwaarde behoud van deelcijfer in academiejaarIn overleg met de promotoren
Paper
Verslag
Praktijkevaluatie tijdens onderwijsperiode35 %
Behoud van deelcijfer in academiejaar
Voorwaarde behoud van deelcijfer in academiejaarIn overleg met de promotoren
Andere evaluatievorm tijdens onderwijsperiode10 %
Andere:Het masterproefseminarie wordt beoordeeld via een permanente evaluatie van proces, opbouw van de scriptie en voorbereiding van mondelinge verdediging met aandacht voor o.a. onderzoeksopzet, abstract, wetenschappelijke poster of video (wordt nog vastgelegd tijdens het academiejaar); en gebeurt door de docent van het masterproefseminarie.
Behoud van deelcijfer in academiejaar
Voorwaarde behoud van deelcijfer in academiejaarSlaagcijfers toegekend op deeltaken voor masterproefseminarie blijven behouden, behalve abstract, poster (en/of video) en scriptie.
Mondeling examen30 %
Behoud van deelcijfer in academiejaar
Voorwaarde behoud van deelcijfer in academiejaarIn overleg met de promotor(en)
Open vragen
Presentatie
Mogelijke externe locatie
Extra info

De punten worden als volgt toegekend:

  1. Praktijkevaluatie tijdens de onderwijsperiode (35%) staat voor Proces, methodiek en realisatie.
    Deze beoordeling gebeurt door de interne en externe promotoren. De beoordeling heeft o.a. betrekking op: probleembehandeling, opdracht volbracht, zelfstandig werken, wetenschappelijk denken, regelmaat en orde, inzet en sociaal en professioneel gedrag. De eindbeoordeling wordt vastgelegd aan de hand van een evaluatieformulier. 
  2. Schriftelijke evaluatie tijdens de onderwijsperiode (25%) slaat op Tekstuele en visuele output.
    Ook deze beoordeling gebeurt door de interne en externe promotoren, eventueel aangevuld met geïnteresseerde of gevraagde deskundigen die de scriptie lezen. Zowel de inhoud, de vormgeving als reflectie zijn essentiële onderdelen.
  3. Mondelinge evaluatie tijdens de examenperiode (30%) slaat op de Mondelinge verdediging (30%). 
    Deze vindt plaats voor een jury met docenten, professoren en academici, experts uit wetenschappelijke instellingen en deskundigen uit het bedrijfsleven. Aandachtspunten bij de beoordeling van de verdediging zijn: structuur, inhoud en de kwaliteit van het geleverde werk; duidelijkheid; gebruik van didactisch materiaal; taalvaardigheid; spreken voor een groep; contactvaardigheid en overtuigingskracht; inzicht en beantwoorden van vragen.
  4. De andere evaluatie tijdens de onderwijsperiode (10%) slaat op het Masterproefseminarie.
    De beoordeling gebeurt via permanente evaluatie van proces, opbouw van de scriptie en voorbereiding van mondelinge verdediging met aandacht voor o.a. onderzoeksopzet, abstract, wetenschappelijke poster of video door de docent masterproefseminarie. De keuze tussen poster en/of video wordt nog vastgelegd in de loop van het academiejaar.

Tweede examenkans

Evaluatievorm tweede examenkans verschillend van eerste examenkans
Neen
Toelichting evaluatievorm In principe moeten alle onderdelen van de masterproef hernomen worden, uitgezonderd punten >= 10/20 toegekend op deeltaken voor masterproefseminarie naast de abstract, poster en visuele output die sowieso in de tweede examenkans beoordeeld. In overleg met de promotoren kan hiervan afgeweken worden. Een voorbeeld kan zijn dat er geen experimenten terug uitgevoerd moeten worden en dat alleen de tekst van de thesis bijgewerkt moet worden.
 

Verplicht studiemateriaal
 
  • Via de website masterproef en het elektronisch leerplatform wordt alle informatie (planning, deadlines, slides van de lessen masterproefseminarie, ...) aan de studenten bezorgd.
  • Vakliteratuur, boeken, tijdschriften, e-informatie, ... zijn ter beschikking via de bibliotheken (op de campus, op andere locaties en/of digitaal).
  • Afhankelijk van het onderwerp en de opdrachtgever wordt extra materiaal aangeboden.
 

Aanbevolen studiemateriaal
 

Vademecum, richtlijnen voor academische communicatie, zoals eerder aangekocht in de opleiding (i.e. Vademecum IIW, Wim Deferme, Bart Dreesen, Karine Evers, Jeroen Lievens, Bram Vandoren, 978VADEMECUMIIW

 

Opmerkingen
 

De student kan zijn masterproef ook afleggen in een vreemde taal of in het buitenland in het kader van een uitwisselingsprogramma.

Relatie met onderzoek

De masterproef wordt gecoördineerd en begeleid door onderzoekers van de opleiding. De studenten kiezen uit onderwerpen voorgesteld door het werkveld of de onderzoeksgroepen zelf. De academische begeleiding zorgt voor een sterke link met onderzoeksactiviteiten.

Relatie met werkveld

De onderwerpen in samenwerking met bouwbedrijven worden begeleid door zowel een begeleider van het respectievelijke bedrijf, als een onderzoeker van de opleiding, die waakt over het academische niveau van het onderwerp.



Eindcompetenties
master in de industriële wetenschappen: elektronica-ICT
  •  EC 
  • EC1 - De Master in de industriële wetenschappen: elektronica-ICT kan in eigen professioneel denken en handelen -- met een gepaste ingenieursattitude en met continue aandacht voor de eigen vorming -- adequaat communiceren, effectief samenwerken, en rekening houden met de duurzame, economische, ethische, maatschappelijke en/of internationale context en is zich hierbij bewust van de impact op de omgeving.

     
  •  DC 
  • DC-M8 - kan kennis en vaardigheden kritisch evalueren om op basis hiervan eigen denken en handelen bij te sturen. (kritisch reflecteren)

      
  •  BC 
  • De student geeft blijk van een kritische ingesteldheid en kan het onderwerp situeren in een groter geheel. De student formuleert waar nodig zelf voorstellen voor gelijkwaardige of betere alternatieven.

    The student shows a critical attitude andis able to situate the topic in its wider context. When opportune, the student suggests equivalent or superior alternatives.

     
  •  DC 
  • DC-M9 - kan mondeling en schriftelijk (grafisch) communiceren. (communiceren)

      
  •  BC 
  • De student kan soepel communiceren met collega's, begeleiders en leidinggevenden en levert kwaliteitsvolle tussentijdse rapporten af.

    De student verdedigt zijn masterproef mondeling op kritische en gestructureerde wijze met hedendaagsepresentatie technieken. De student kan op een professionele manier in discussie gaan met de verschillende stakeholders.

    De student geeft zijn project schriftelijk (wetenschappelijke scriptie) en visueel weer (bv. in een poster of video afhankelijkvan de instructies tijdens het academiejaar) in een relevante taal. De student kan zijn project beknopt beschrijven, zowel in het Nederlands als het Engels.

    In elke vorm van communicatie hanteert de student het juiste taalregister en gebruikt destudent de correcte vakterminologie.

    The student is able to communicate fluently with colleagues, supervisors and superiors and to deliver high-quality progress reports.

    He is able to present and defend his master's thesis orally in awell-structured and critical fashion, using state of the art presentation tools. He is able to engage in a professional discussion with all of the stakeholders.

    He is able to present his research project in writing (in an academic thesis, writtenin a relevant language) and visually (in a scientific poster or video, depending on the instructions during the academic year). The student is able to describe his project succinctly, both in Dutch and English.

    In each form of communication, he isable to deploy the appropriate communicative register and correct terminology.

     
  •  DC 
  • DC-M10 - kan constructief en verantwoordelijk functioneren als lid van een (multidisciplinair) team. (samenwerken)

      
  •  BC 
  • Binnen de context van zijn onderzoeksproject kan de student in een multidisciplinair team werken en verantwoordelijkheden opnemen.

    Within the context of his research project the student is able to work as part of - and assume responsibility in- a m ultidisciplinary team.

     
  •  DC 
  • DC-M11 - handelt maatschappelijk verantwoord en binnen een internationaal kader. (internationaal gericht en maatschappelijk verantwoord handelen)

      
  •  BC 
  • Afhankelijk van de aard en context van de masterproef houdt de student rekening met praktische, economische, ecologische, gezondheids-, veiligheids-, duurzaamheids-, bedrijfsgebonden, maatschappelijke en internationale factoren/vereisten bij hetuitwerken van oplossingen/ontwerpen.

    In the process of developing solutions/designs, the student takes into consideration practical , economic, ecological, social, international and corporate factors/demands as well as issues relating to safety,health and sustainability, depending on the nature and context of the master's thesis.

     
  •  DC 
  • DC-M12 geeft blijkt van een gepaste ingenieursattitude. (ingenieursattitude)

      
  •  BC 
  • De student geeft blijk van een professionele attitude (toont o.a. realisme en inzet, werkt zelfstandig en efficiënt, is nieuwsgierig en taakgericht).

    De student geeft blijk van inzicht in en een ruime achtergrondkennis van zijnonderzoeksgebied.
    De student levert een voor de opdrachtgever bruikbaar eindresultaat af.

    The student shows a professional attitude, i.e. he shows dedication and a sense of realism, he works autonomously and efficiently, he isinquisitive and task-oriented.
    He displays insight into - and a wide knowledge of - his domain of research.

    The student delivers usefull results for the firm/institution involved in the project.

  •  EC 
  • EC2 - De Master in de industriële wetenschappen: elektronica-ICT beheerst een geheel van kennis en vaardigheden omtrent het ontwerpen van software en analoge en digitale systemen en kan deze creatief concipiëren, plannen en uitvoeren als geïntegreerd deel van een methodologisch en projectmatig geordende reeks van handelingen binnen een multidisciplinair project met een belangrijke onderzoeks- en/of innovatiecomponent

     
  •  DC 
  • DC-M1 - heeft kennis van de basisbegrippen, structuur en samenhang. (kennis bezitten)

      
  •  BC 
  • De student verdiept en verbreedt zijn domeinspecifieke en -overschrijdende kennis van begrippen en structuren relevant voor het onderzoeksproject van zijn masterproef.

    The student deepens and broadens his (inter)disciplinary knowledge of conceptsan d structures relevant to the research project of his master's thesis.
     
  •  DC 
  • DC-M2 - heeft inzicht in de basisbegrippen en methodes. (begrijpen)

      
  •  BC 
  • De student heeft inzicht in, enerzijds, de domeinspecifieke en -overschrijdende begrippen en structuren relevant voor het onderz oeksproject van zijn masterproef, en anderzijds in de specificiteit van het onderwerp en de verwachtingen van allestakeholders. De student kan deze inzichten in eigen woorden uitleggen.

    The student has insight into, on the one hand, the (inter)disc iplinary concepts and structures relevant to the research project of his master's thesis and, on the other hand,into the specif icity of the topic and the expectations of all shareholders. The student is able to explain these insights in his own words.
     
  •  DC 
  • DC-M3- kan problemen herkennen, activiteiten plannen en actie ondernemen. (initiëren en plannen)

      
  •  BC 
  • De student kan zelfstandig en projectmatig werken: - De student kan een complex onderzoeksproject initiëren en zijn probleemana lyse, doelstellingen en vooropgesteld onderzoekstraject verwoorden in een onderzoeksopzet. - De student kan een concreteplanni ng uitwerken onder de vorm van een gedetailleerde Gantt-chart. - De student onderneemt de juiste stappen om alle doelstellingen te realiseren en de student stuurt zijn traject bij waar nodig.

    The student is able to perform project-basedwork and to operate autonomously: - He is able to initiate a complex research project and to formulate a problem analysis, his research ta rgets and a research trajectory by means of a research design. - He is able to elaborate a precise project planningby means of a detailed Gantt chart. - He follows through upon and, when opportune, adjusts his planning and research trajectory to achieve his goals.
     
  •  DC 
  • DC-M4 - kan informatie opzoeken, meten of verzamelen en correct refereren. (data verwerven)

      
  •  BC 
  • In het kader van zijn onderzoeksproject kan de student op een correcte manier relevante wetenschappelijke en technische informat ie verzamelen, kritisch in vraag stellen, bijsturen en weergeven in een literatuurstudie. De student kan op een correctemanier refereren naar de geraadpleegde bronnen.

    To scaffold his research project, the student is able to gather, interpret and c ritically reflect upon an array of relevant scientific and technical sources and to present a synthesis by means of aliterature review.
     
  •  DC 
  • DC-M5 - kan problemen analyseren, logisch structureren en interpreteren. (analyseren)

      
  •  BC 
  • De student kan een gedegen wetenschappelijke analyse van de probleemstelling in de gegeven context maken en bakent op basis hier van zijn onderzoeksvraag(vragen) af. De student kan het probleem logisch opsplitsen in deelproblemen en kan aangeven waar deran dvoorwaarden liggen.

    The student is able to analyse the problem its context and to outline his research question(s) on th e basis of this analysis. He is able to break down the problem into its component parts and to identify the keyconstraints.
     
  •  DC 
  • DC-M6 - kan methodes selecteren en gefundeerde keuzes maken om problemen op te lossen of oplossingen te ontwerpen. (oplossen en ontwerpen)

      
  •  BC 
  • De student kiest adequate, wetenschappelijk verantwoorde en innovatieve methodes om tot een oplossing van het probleem of tot ee n ontwerp te komen binnen de gegeven context.

    The student is able to select adequate, scientifically valid andinnovative methods to arrive at a solution or design within the given context.
     
  •  DC 
  • DC-M7 - kan geselecteerde methodes en hulpmiddelen aanwenden om oplossingen en ontwerpen te implementeren. (implementeren en operationaliseren)

      
  •  BC 
  • Afhankelijk van de aard van zijn masterproef kan de student aan de hand van de bekomen resultaten - ofwel advies geven en voors tellen doen tot implementatie van een geselecteerde oplossing of tot verder onderzoek; - ofwel zijn oplossing/ontwerpimplement eren op een systematische manier. Hierbij houdt de student rekening met praktische, economische, ecologische, gezondheids-, vei ligheids-, duurzaamheids- en bedrijfsgebonden factoren.

    Depending on the nature of master's thesis, thestudent is able t o translate his results into, either: - advice and suggestions as to the implementation of the solution or further research - a systematic implementation of his solution/design. In this process, the student is able take intoconsideration practical, econo mic, ecological and corporate factors as well as issues relating to safety and sustainability.
 

  EC = eindcompetenties      DC = deelcompetenties      BC = beoordelingscriteria  
Aangeboden inTolerantie3
master in de industriële wetenschappen: elektronica-ICT N



1   Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 12.2, lid 2.
2   Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 15.1, lid 3.
3   Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 16.9, lid 2.