De elektronische studiegids voor het academiejaar 2025 - 2026 is onder voorbehoud.





Media, technologie en recht (4878)

  
Coördinerend verantwoordelijke :Prof. dr. Ken ANDRIES 
  
Lid van het onderwijsteam :Mevrouw Valerie VERJANS 


Onderwijstaal : Nederlands


Studiepunten: 6,0
  
Periode: semester 2 (6sp)
  
2de Examenkans1: Ja
  
Eindcijfer2: Numeriek
 
Examencontract: niet mogelijk


 
Volgtijdelijkheid
 
   Adviserende volgtijdelijkheid op niveau van de opleidingsonderdelen
 
 

Inhoud

Dit opleidingsonderdeel biedt een grondige studie van de interactie tussen media, technologie en recht binnen de context van een snel veranderende digitale samenleving. Speciaal ontworpen voor studenten sociale wetenschappen, verkent het vak de hedendaagse juridische vraagstukken met betrekking tot media, data- en communicatietechnologieën, en de implicaties daarvan voor individuen, de samenleving en governance.

Eerst worden de juridische fundamenten van de klassieke media geanalyseerd, evenals de problemen waarmee ze worden geconfronteerd in het digitale tijdperk. Er zal kritisch worden gekeken naar de rol van auteursrecht bij de bescherming van intellectueel eigendom en de impact ervan op creatieve expressie en de toegang tot informatie.

Vervolgens wordt de focus verlegd naar telecommunicatie- en surveillancetechnologieën. Er zal aandacht worden besteed aan administratiefrechtelijke aspecten zoals de telecomwetgeving en wetgeving omtrent camerabewaking en strafrechtelijke aspecten zoals de bescherming van het communicatiegeheim.

Daarnaast komen datagedreven technologieën en het gebruik van data aan bod. Er wordt ingegaan op de bescherming van persoonsgegevens (GDPR), ePrivacy-wetgeving (cookie-regelgeving, anti-spamwetgeving), de opkomst van AI en de toenemende regulering van internetplatforms in de strijd tegen namaak, terrorisme en desinformatie.

Ten slotte zal er aandacht zijn voor de informaticamisdrijven die zijn voorzien in het Strafwetboek en de uitdagingen die de voortschrijdende digitalisering van de samenleving creëert voor speurders in strafonderzoeken. Ook zullen de mogelijkheden van het strafprocesrecht worden besproken om hiermee om te gaan.

Het doel van dit opleidingsonderdeel is om een grondig inzicht te bieden in de juridische en ethische uitdagingen die gepaard gaan met de voortschrijdende digitalisering van de samenleving.

Concrete vragen die aan bod zullen komen zijn onder meer:

- Genieten bloggers / citizen journalists / OSINT onderzoekers dezelfde juridische bescherming als traditionele journalisten?

- Kan je e-books of software zomaar doorverkopen of uitlenen?

- Is er auteursrecht op een AI creatie en zo ja komt dit dan toe aan de maker van de AI of de gebruiker ervan?

- Is een deep fake creatie strijdig met het portretrecht?

- In welke mate valt het verspreiden van fake news onder de vrijheid van meningsuiting?

- Hoe worden de big tech platformen gereguleerd in de EU?

- Kan je een camera installeren voor het filmen van je voorgevel en de beelden doorgeven aan de politie als bewijs?

- Kan een schepen de adressen van burgers die zijn administratie contacteren gebruiken om ze politieke reclame te sturen?

- Mag de bank je leningsaanvraag automatisch laten behandelen door een AI algoritme? En met wat voor gegevens mag het algoritme dan rekening houden?

- Is ‘ethisch hacken’ een misdrijf of toegestaan?

- Kan de politie je verplichten om hen de pincode van je GSM te geven?



Organisatie- / Werkvormen
Organisatievormen  
Hoorcollege  
Onderwijsgroep  
Werkvormen  
Casestudy  
Discussies /debat  
Groepswerk  
Oefeningen  
Onderwijsleergesprek  


Evaluatie

Periode 3    Studiepunten 6,00

Evaluatievorm
Schriftelijke evaluatie tijdens onderwijsperiode10 %
Behoud van deelcijfer in academiejaar
Voorwaarde behoud van deelcijfer in academiejaarHet deelcijfer is overdraagbaar indien de student een score van minstens 10/20 heeft op de deelevaluatie.
Casus
Mondelinge toelichting
Mondelinge evaluatie tijdens onderwijsperiode15 %
Behoud van deelcijfer in academiejaar
Voorwaarde behoud van deelcijfer in academiejaarHet deelcijfer is overdraagbaar indien de student een score van minstens 10/20 heeft op de deelevaluatie.
Schriftelijk examen75 %
Gesloten-boek
Casus
Gebruik studiemateriaal tijdens evaluatie
ToelichtingDe ter beschikking gestelde wetteksten kunnen worden gebruikt op het examen.
Evaluatievoorwaarden (deelname en/of slagen)
VoorwaardenEen student moet minimum een 10/20 behalen op elke deelevaluatie om te kunnen slagen op het opleidingsonderdeel. Onder deelevaluaties verstaan we 1) het geheel van evaluaties tijdens de onderwijsperiode en 2) de evaluatie tijdens de examenperiode. Eventuele resultaten op aanwezigheid of voorbereiding tellen mee als deel van de evaluaties tijdens de onderwijsperiode.
GevolgEen student die op één (of meerdere) deelevaluaties een lager cijfer dan 10/20 behaalt, krijgt als cijfer het rekenkundig gemiddelde, met een maximum van 9/20 voor het vak.

Tweede examenkans

Evaluatievorm tweede examenkans verschillend van eerste examenkans
Neen
Toelichting evaluatievorm Studenten wiens deelevaluaties van de eerste examenkans niet worden overgedragen, zullen voor de respectieve deelevaluatie een vervangtaak krijgen in de vorm van een casus of een paper.
 

Verplichte cursussen (gedrukt door boekhandel)
 

Cursus 1:

Subtitel: Wetgevingsbundel
Extra info:

 

Opmerkingen
 

Studiemateriaal zal ter beschikking worden gesteld via Blackboard



Eindcompetenties
bachelor in de sociale wetenschappen
  •  EC 
  • De afgestudeerde bachelor in de sociale wetenschappen heeft kennis van maatschappelijke structuren, processen, vraagstukken en technologieën, die vorm geven aan de rol en het functioneren van publieke en private organisaties, beleidsnetwerken, media en sociale bewegingen.

     
  •  DC 
  • De student heeft inzicht in de maatschappelijke impact van datagedreven informatie- en communicatietechnologieën op het vlak van digitalsering, diversiteit en democratie
     
  •  DC 
  • De student heeft kennis van de maatschappelijke vraagstukken en technologieën die vorm geven aan de rol en het functioneren van media en gerelateerde stakeholders.
     
  •  DC 
  • De student heeft kennis van maatschappelijke structuren en processen die vorm geven aan de rol en het functioneren van media en gerelateerde stakeholders.
     
  •  DC 
  • De student heeft kennis van maatschappelijke structuren, proccessen en stakeholders die vorm geven aan de ontwikkeling en het gebruik van datagedreven informatie- en communicatietechnologieën
     
  •  DC 
  • De student kan aanduiden hoe maatschappelijke structuren, processen, vraagstukken en technologieën zich concreet manifesteren in een casus die verband houdt met de grand challenge digitalisering.
     
  •  DC 
  • De student kan het inzicht in welbepaalde maatschappelijke structuren, processen, vraagstukken en technologieën toepassen op casussen die verband houden met de grand challenges digitalisering, diversiteit en democratie.
     
  •  DC 
  • De student kan vanuit theoretische inzichten op zelfstandige basis kennis verwerven over de maatschappelijke vraagstukken en technologieën die vorm geven aan de rol en het functioneren van media en gerelateerde stakeholders.
     
  •  DC 
  • De student kent en begrijpt hoe welbepaalde maatschappelijke structuren, processen, vraagstukken en technologieën, die vorm geven aan de rol en het functioneren van publieke en private organisaties, beleidsnetwerken, media en sociale bewegingen, zich voordoen in relatie tot de grand challenges digitalisering, diversiteit en democratie.
  •  EC 
  • De afgestudeerde bachelor in de sociale wetenschappen houdt rekening met sociale en ethische normen in het eigen denken en handelen, op basis van een open, integere en kritische wetenschappelijke houding en een maatschappelijk verantwoordelijkheidsbesef.

     
  •  DC 
  • De student kan een open, integere en kritische wetenschappelijke houding en een maatschappelijk verantwoordelijkheidsbesef integreren in de analyse van grand challenges en gerelateerde casussen.
     
  •  DC 
  • De student kan op een gestructureerde manier zijn/haar mening uiten, mede op basis van historische argumenten.
  •  EC 
  • De afgestudeerde bachelor in de sociale wetenschappen kan mondeling, schriftelijk en visueel rapporteren over wetenschappelijk onderzoek op een onderbouwde, coherente en overtuigende wijze.

     
  •  DC 
  • De student voert een helder (schriftelijk, mondeling en/of visueel) wetenschappelijk betoog. Hierbij hanteert de student een correct, academisch taalgebruik.
  •  EC 
  • De afgestudeerde bachelor in de sociale wetenschappen kan probleemoplossend, zelfsturend en innovatief denken en handelen, op basis van kritisch reflecteren over het eigen leerproces.

     
  •  DC 
  • De student evalueert zijn leerproces kritisch
 

  EC = eindcompetenties      DC = deelcompetenties      BC = beoordelingscriteria  
Aangeboden inTolerantie3
2 ba major Communicatiewetenschappen (digitalisering) met minor Bestuurskunde (democratie ) J
2 ba major Communicatiewetenschappen (digitalisering) met minor Sociologie (diversiteit) J



1   Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 12.2, lid 2.
2   Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 15.1, lid 3.
3   Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 16.9, lid 2.