Cellulaire toxicologie (5392) |
| Onderwijstaal: Nederlands |
| Studiepunten: 5,0 | | | | Periode: semester 2 (5sp)  | | | | | 2de Examenkans1: Ja | | | | | Eindcijfer2: Numeriek |
| | | Examencontract: niet mogelijk |
|
|
Verplichte volgtijdelijkheid op niveau van de opleidingsonderdelen
|
| |
| |
|
Groep 1 |
| |
| |
Volgende opleidingsonderdelen dient u ook opgenomen te hebben in uw studieprogramma in een voorgaande onderwijsperiode.
|
| |
|
Biologie van de cel (5445)
|
6.0 stptn |
| |
|
Chemie voor levenswetenschappen 1 (5356)
|
7.0 stptn |
| |
|
Chemie voor levenswetenschappen 2 (2920)
|
3.0 stptn |
| |
|
Genetica, evolutie en de Tree of Life (2921)
|
7.0 stptn |
| |
|
Moleculaire genetica (5482)
|
7.0 stptn |
| |
|
Van metabolisme tot systeembiologie (5359)
|
8.0 stptn |
| |
|
Of groep 2 |
| |
| |
Volgende opleidingsonderdelen dient u ook opgenomen te hebben in uw studieprogramma in een voorgaande onderwijsperiode.
|
| |
|
Genetica (0623)
|
4.0 stptn |
| |
|
Inleiding tot de biochemie (1399)
|
5.0 stptn |
| |
|
Moleculaire genetica (3726)
|
.0 stptn |
| |
|
|
|
- De student(e) heeft een goede kennis van de structuurchemie van biomoleculen en bezit voldoende inzicht in zuur-base evenwichten alsook redox-reacties. (OPO's: Chemie voor levenswetenschappen 1 en 2)
- De student(e) heeft een grondige kennis van de eukaryote cel en zijn functie in eukaryote organismen, meer specifiek heeft de student(e) inzicht in het metabolisme en de moleculaire genetica van de eukaryote cel, de fysiologie van organen en orgaansystemen. (OPO's: Biologie van de cel; Genetica, evolutie en de Tree of Life; Moleculaire genetica; Van metabolisme tot systeembiologie; Histologie en fysiologie van de gewervelde dieren)"
|
|
|
|
|
Theoretische doelstellingen: - De student kent de verschillende toxicologische basisbegrippen en weet hoe deze berekend worden.
- De student kan de verschillende fasen van toxicologie beschrijven.
- De student heeft kennis van de verschillende opnameroutes van xenobiotica.
- De student heeft inzicht in biotransformatieprocessen.
- De student kent het begrip oxidatieve stress onder normale omstandigheden en na blootstelling aan interne en externe stress factoren.
- ·De student heeft inzicht in hoe verschillende cellulaire ""mode of actions"" geïnduceerd kunnen worden door toxische stoffen en hoe dit kan leiden tot klinische eindpunten.
- De student kent de mechanismen van genetische toxiciteit en herstel.
- De student kent de basisprincipes in carcinogenese.
- De student kan verschillende vormen van celdood beschrijven en implementeren in de moleculaire mechanismen van toxiciteit.
Praktische vaardigheden: - De student is zich bewust van zijn maatschappelijke rol in de preventie ten aanzien van het gebruik van toxische stoffen in de leefomgeving.
- De student is in staat om de verschillende fasen van toxicologie over een toxische stof te bespreken en hoe deze stof oxidatieve stress kan veroorzaken. De student kan dit voorstellen in een presentatie.
- De student kent de verschillende stappen en handelingen van genexpressie-analysen met behulp van real-time qPCR en kan deze toepassen. De student kan de verkregen data op een betrouwbare manier analyseren.
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Hoorcollege ✔
|
|
|
|
Practicum ✔
|
|
|
|
Responsiecollege ✔
|
|
|
|
Werkzittingen ✔
|
|
|
|
Semester 2 (5,00sp)
| Evaluatievorm | |
|
| Schriftelijke evaluatie tijdens onderwijsperiode | 20 % |
|
| Behoud van deelcijfer in academiejaar | ✔ |
|
|
|
|
|
| Mondelinge evaluatie tijdens onderwijsperiode | 20 % |
|
| Behoud van deelcijfer in academiejaar | ✔ |
|
|
|
|
|
|
|
| Evaluatievoorwaarden (deelname en/of slagen) | ✔ |
|
| Voorwaarden | Beoordeling op verslagen van het projectpracticum (deelname is verplicht) en een gedeelte open-boek examen. De student(e) zal beoordeeld worden op zijn/haar presentatie over de toxicologie van een stof. |
|
|
|
| Gevolg | De student(e) die ongewettigd afwezig is voor het projectpracticum en/of een of meerdere verslagen niet heeft ingeleverd, krijgt voor het opleidingsonderdeel als eindresultaat een N: examenonderdeel niet volledig afgelegd: ongewettigd afwezig voor onderde(e)len van de evaluatie. |
|
|
|
Tweede examenkans
| Evaluatievorm tweede examenkans verschillend van eerste examenkans | |
|
| Toelichting evaluatievorm | Deelpunten van de evaluaties tijdens het jaar blijven behouden |
|
|
|
|
| Verplicht studiemateriaal |
| |
Cursusmateriaal en studieleidraad worden op BB geplaatst. De studieleidraad bevat de instructies voor die delen van de cursus die de studenten moeten studeren, inclusief enkele vragen. |
|
|
Eindcompetenties bachelor in de biologie
|
- EC
| EC 1: De bachelor Biologie heeft een grondige kennis en inzicht verworven in de levende wereld op moleculair, cellulair , functioneel, organismaal, populatie en ecosysteemniveau. | - EC
| EC 3: De bachelor Biologiehoudt rekening metde noodzaak van de inter- en multidisciplinaire benadering om de levende wereld in al zijn aspecten te onderzoeken. Hij/zij heeft daartoe een grondige kennis en inzicht in andere relevantewetenschappelijke disciplines (chemie, fysica, geologie), | - EC
| EC 4: De bachelor Biologie kan mathematische en/of statistische begrippen en modellen correct inzetten voor het benaderen, oplossen en analyseren van eenvoudige biologische problemen en gegevensverzamelingen om tot een gefundeerde conclusie te komen. | - EC
| EC 5: De bachelor Biologie kan met inzicht metingen verrichten en observeren waarbij hij/zij de hoogst mogelijke precisie nastreeft en integer handelt in zijn/haar observaties en metingen. | - EC
| EC 6: De bachelor Biologie kan onder begeleiding een beperkt onderzoek concipiëren: hij/zij is in staat een biologisch(e) probleem en hypothese te formuleren en een onderzoeksplan op te stellen en uit te voeren. Hiertoe kan hij/zij wetenschappelijke bronnen, inclusief anderstalige, raadplegen en gebruiken. | - EC
| EC 8: De bachelor Biologie kan mondeling en schriftelijk rapporteren en presenteren in het Nederlands en het Engels. Hij/zij kan communiceren over het vakgebied met vakgenoten en niet-vakgenoten. | - EC
| EC 11: De bachelor Biologiegedraagt zich volgens de ethische, morele, filosofische, wettelijke en veiligheidsaspecten van zijn wetenschapsdiscipline. | - EC
| EC 12: De bachelor Biologie heeft inzicht in de maatschappelijke relevantie van de biologie, hij/zij kent de actoren in het werkveld. De bachelor Biologie kent de impact van de mens op de natuur, hij/zij gedraagt zich als pleitbezorger van de biosfeer en respecteert de principes van duurzaamheid. |
|
|
|
| | EC = eindcompetenties DC = deelcompetenties BC = beoordelingscriteria |
| Plaats in het onderwijsaanbod | Tolerantie3 |
|
3de bachelorjaar in de biologie optie biochemie
|
J
|
|
3de bachelorjaar in de biologie optie keuzeopleidingsonderdelen biologie
|
J
|
|
3de bachelorjaar in de biologie optie moleculaire & biotechnologie
|
J
|
|
3de bachelorjaar in de biologie pakket keuzeopleidingsonderdelen biologie
|
J
|
|
Educatieve master in de wetenschappen en technologie - keuze voor vakdidactiek biologie
|
J
|
|
|
1 Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 12.2, lid 2. |
| 2 Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 15.1, lid 3. |
3 Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 16.9, lid 2.
|
|