Computational Optimisation Techniques (9029) |
Onderwijstaal : Nederlands |
Studiepunten: 6,0 | | | Periode: semester 2 (6sp) | | | 2de Examenkans1: Ja | | | Eindcijfer2: Numeriek |
| Examencontract: niet mogelijk |
Volgtijdelijkheid
|
|
Geen volgtijdelijkheid
|
|
De student bezit basiskennis van wiskundige begrippen als (partiële) afgeleide, gradiënt en matrices. Voor de praktische toepassingen zal er gebruik gemaakt worden van Python en C++; er wordt dan ook verwacht dat de student vlot kan programmeren in deze talen.
|
|
|
Dit vak introduceert studenten in de wereld van computationele optimalisatie, waarin we op zoek gaan naar de waarden van parameters die volgens een zeker criterium het beste resultaat opleveren. Met zulke technieken kunnen computers worden ingezet om de beste oplossingen te vinden voor complexe problemen in diverse domeinen. We verkennen een breed scala aan optimalisatietechnieken, van klassieke methoden tot geavanceerde algoritmes geïnspireerd door de natuur, zoals genetische algoritmes. Je ontdekt hoe gradiënt-gebaseerde methoden werken, maar ook hoe we problemen kunnen aanpakken wanneer we geen gradiënten kunnen berekenen. Het vak combineert theorie met hands-on ervaring; we besteden speciale aandacht aan praktische implementaties en toepassingen, zodat je deze technieken direct kunt toepassen in je eigen projecten. Tijdens de oefeningen ga je zelf aan de slag met verschillende optimalisatiealgoritmes, waarbij je leert hoe je deze kunt implementeren en toepassen op realistische problemen. Een groter project stelt je in staat om dieper in te gaan op een specifieke techniek of toepassing. Wiskundige voorkennis wordt tot een minimum beperkt; de focus ligt op het begrijpen en toepassen van de concepten.
|
|
|
Periode 2 Studiepunten 6,00
Evaluatievorm | |
|
Andere evaluatievorm tijdens onderwijsperiode | 40 % |
|
Andere: | Programmeeropdrachten op optimalisatietechnieken, met verslag en (zo
nodig) mondelinge toelichting bij elke opdracht. |
|
|
|
Behoud van deelcijfer in academiejaar | ✔ |
|
Voorwaarde behoud van deelcijfer in academiejaar | Minstens 50% behalen op het geheel van de programmeeropdrachten. |
|
|
|
|
|
|
|
Schriftelijk examen | 60 % |
|
Behoud van deelcijfer in academiejaar | ✔ |
|
Voorwaarde behoud van deelcijfer in academiejaar | Minstens 50% behalen op dit onderdeel. |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Evaluatievoorwaarden (deelname en/of slagen) | ✔ |
|
Voorwaarden | Volledige en tijdige inlevering van de programmeeropdrachten tijdens de onderwijsperiode. |
|
|
|
Gevolg | Indien niet aan de voorwaarde is voldaan, krijgt de student geen eindcijfer maar een "N". |
|
|
|
Tweede examenkans
Evaluatievorm tweede examenkans verschillend van eerste examenkans | |
|
Toelichting evaluatievorm | Bij de herkansing moet enkel dat deel (schriftelijk examen of
programmeeropdrachten met mondelinge ondervraging) waarop de student
geen 50% behaalde, worden herkanst. Als dit de programmeeropdrachten
betreft, kan er een bijkomende opdracht worden opgelegd. Opgelet: indien
voor een bepaald practicum specifieke apparatuur moet worden gebruikt,
die tijdens de zomervakantieperiode niet beschikbaar is, dan kan dit
practicum niet worden herkanst. |
|
|
|
|
 
|
Verplicht studiemateriaal |
|
Slides van de hoorcolleges, uitgedeelde kopies van relevant studiemateriaal en on-line bronnen. |
|
|
Eindcompetenties master in de informatica
|
- EC
| EC 1: De afgestudeerde heeft op het gebied van informatica inzicht in de belangrijkste technologische ontwikkelingen en de onderliggende wetenschappelijke principes. | - EC
| EC 5: De afgestudeerde kan zelfstandig een complex informaticaprobleem modelleren, de nodige abstracties invoeren, de oplossing gestructureerd beschrijven en implementeren, en ten slotte tegenover de stakeholders argumenteren waarom de gekozen oplossing en de bijhorende implementatie voldoen aan de gestelde specificaties. | - EC
| EC 6: De afgestudeerde is in staat om zelfstandig een wetenschappelijk probleem te situeren, te analyseren, te evalueren, een onderzoeksvraag te formuleren en hiervoor op een wetenschappelijk onderbouwde manier een oplossing voor te stellen. | - EC
| EC 12: De afgestudeerde kan kritisch reflecteren over het eigen handelen, hierover verantwoording afleggen en zichzelf bijsturen waar nodig. |
|
|
|
| EC = eindcompetenties DC = deelcompetenties BC = beoordelingscriteria |
Aangeboden in | Tolerantie3 |
master informatica volledig keuzepakket
|
J
|
|
|
1 Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 12.2, lid 2. |
2 Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 15.1, lid 3. |
3 Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 16.9, lid 2.
|
|