Juridische aspecten van informatica (1282) |
| Studiepunten: 3,0 | | Studiebelastingsuren: 81 | Periode: semester 2 (3sp)  |
| Onderwijstaal: Nederlands |
|
|
Basisbegrip informatie- en communicatietechnologieën. Basisbegrip analytische vaardigheden en kritisch denken.
|
|
|
|
|
In dit opleidingsonderdeel worden de juridische aspecten van informatica belicht vanuit een praktische invalshoek.
Het opleidingsonderdeel bestaat uit een combinatie van interactieve colleges en oefeningen op basis van casussen.
Een aantal van de topics die in dit opleidingsonderdeel aan bod komen zijn: intellectuele eigendom in een IT context, privacybescherming, informaticamisdrijven, telecommunicatierecht, de rol van IT in strafrechtelijk onderzoek, de Digital Services Act, de Digital Markets Act, de AI Act en andere recente Europese regelgeving inzake digitalisering en technologie.
|
|
| Verplichte cursussen (gedrukt door boekhandel) |
|
 
|
| Verplicht studiemateriaal |
| |
Het nodige studiemateriaal wordt ter beschikking gesteld via Blackboard. |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Hoorcollege ✔
|
|
|
|
Zelfstudieopdracht (ZSO) ✔
|
|
|
|
Semester 2 (3,00sp) Tweede examenkans
| Evaluatievorm tweede examenkans verschillend van eerste examenkans | |
|
|
Eindcompetenties | EC = eindcompetenties DC = deelcompetenties BC = beoordelingscriteria |
bachelor in de informatica
|
- EC
| De afgestudeerde bachelor beschikt over een breed referentiekader waardoor hij/zij de eigen kennis en vaardigheden van het vakgebied voortdurend kan actualiseren. | | | - DC
| De student kan denken en handelen vanuit de fundamenten van de informatica. | | | - DC
| De student heeft inzicht in andere disciplines waarop informatica wordt toegepast of die een toepassing vinden in de informatica. | - EC
| De afgestudeerde bachelor informatica is in staat informatie uit vakliteratuur en onderzoek op wetenschappelijk verantwoorde wijze te verwerken. | | | - DC
| De student kan informatie uit vakliteratuur en wetenschappelijk onderzoek kritisch interpreteren. | | | - DC
| De student kan relevante informatie uit vakliteratuur en wetenschappelijk onderzoek gebruiken. | | | - DC
| De student kan informatie uit vakliteratuur en wetenschappelijk onderzoek opzoeken. | - EC
| De afgestudeerde bachelor informatica is zich bewust van de ethisch-maatschappelijke context waarin informatica gebruikt wordt. Hij/zij kan ethische en deontologische problemen herkennen en analyseren, en hiernaar handelen. | | | - DC
| De student kan ethische problemen en dilemma’s gerelateerd aan informatica herkennen en analyseren en een gepaste aanpak formuleren om hiermee om te gaan. | | | - DC
| De student kan de maatschappelijke impact van wetenschap, en in het bijzonder informatica, duiden. | | | - DC
| De student kan maatschappelijke aspecten en uitdagingen gerelateerd aan informatica uitleggen. | | | - DC
| De student kan rekening houden met relevante maatschappelijke aspecten en uitdagingen van de informatica tijdens de uitvoering van het eigen werk. | | | - DC
| De student kan het belang van integriteit uitleggen en daarnaar handelen. | - EC
| De afgestudeerde bachelor informatica is zich bewust van informatica als wetenschappelijke discipline, toont een kritische ingesteldheid en kan een standpunt innemen en verdedigen op basis van verworven kennis en inzicht. | | | - DC
| De student kan informatica als wetenschappelijke discipline situeren. | | | - DC
| De student kan problemen van matige tot redelijke complexiteit op een wetenschappelijke manier onderzoeken en systematisch aanpakken. | | | - DC
| De student kan informatie en inzichten uit diverse (wetenschappelijke) bronnen afwegen en combineren om een eigen standpunt te formuleren en te verdedigen. | - EC
| De afgestudeerde bachelor informatica kan over het eigen werk rapporteren en communiceren, en kan het presenteren, aan informatici. | | | - DC
| De student kan het eigen werk mondeling presenteren aan informatici. | | | - DC
| De student kan het eigen werk mondeling verdedigen tegenover informatici. | | | - DC
| De student kan de principes van een goede communicatie uitleggen. | | | - DC
| De student kan een geschikte tool voor een presentatie selecteren en gebruiken. | | | - DC
| De student kan over het eigen werk schriftelijk rapporteren op het niveau van informatici. | - EC
| De afgestudeerde bachelor informatica kan reflecteren over kritiek en kan op basis hiervan het eigen functioneren aanpassen. | | | - DC
| De student kan reflecteren op het eigen functioneren en, indien nodig, bijsturen. | | | - DC
| De student kan de beschikbare tijd efficiënt indelen, en deze tijdsindeling evalueren en bijsturen. | | | - DC
| De student kan op een systematische manier reflecteren over feedback van docenten, medestudenten of externen en deze gebruiken om het eigen werk te verbeteren. |
|
|
|
master in de rechten
|
- EC
| EC07 - De master in de rechten kan wetgevingen, rechtspraak, rechtsleer en andere juridische teksten analyseren, interpreteren en verantwoord aanwenden. (algemeen wetenschappelijke onderzoekscompetentie) | - EC
| EC09 - De master in de rechten is in staat om de verschillende elementen en de relevante rechtsregels in een complexe probleemstelling te detecteren en één of meerdere adequate oplossingsstrategieën te selecteren, de gemaakte keuze te verantwoorden, en de gekozen oplossingstrategie(ën) toe te passen. (algemene competentie) | - EC
| EC10 - De master in de rechten kan de verschillende belanghebbenden en hun specifieke belangen in een complexe probleemstelling identificeren en deze belangen integreren in de eigen redenering en aanpak. (algemene competentie) | - EC
| EC13 - De master in de rechten onderkent ethische en sociaal-maatschappelijke aspecten in een juridische context, kan er kritisch over reflecteren en kan op basis van ethische aspecten, met inachtneming van de eigen verantwoordelijkheden als jurist, richting geven aan een eigen oordeelsvorming. (algemene competentie) | - EC
| EC15 - De master in de rechten toont een kritische attitude, en is in staat het recht en de verschillende juridische standpunten in kaart te brengen, kritisch te benaderen en zo te komen tot een eigen juridisch onderbouwd oordeel. (algemene competentie) |
|
|
|
|
| Plaats in het onderwijsaanbod | Tolerantie3 |
|
3de bachelorjaar in de informatica
|
J
|
|
keuze master voor corporate (UH)
|
J
|
|
keuze master voor private (UH)
|
J
|
|
Master handelsingenieur in de beleidsinformatica jaar 2 verplicht
|
J
|
|
Master in de rechten juridische verruiming
|
J
|
|
Master in de rechten vrije keuze
|
J
|
|
master rechten OR
|
J
|
|
|
1 Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 12.2, lid 2. |
| 2 Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 15.1, lid 3. |
3 Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 16.9, lid 2.
|
|
|