De elektronische studiegids voor het academiejaar 2026 - 2027 is onder voorbehoud.





Grondige studie publiek procesrecht (2155)

Coördinerend verantwoordelijke:Prof. dr. Daan BIJNENS 
Lid van het onderwijsteam:De heer Nick PARTHOENS 


Studiepunten: 6,0
Studiebelastingsuren: 162
Periode: semester 2 (6sp)

Onderwijstaal: Nederlands
Examencontract: niet mogelijk

2de Examenkans1: Ja
Eindcijfer2: Numeriek
Tolerantie3: Zie plaats in het onderwijsaanbod

Volgtijdelijkheid
Adviserende volgtijdelijkheid op niveau van de opleidingsonderdelen
 
 
Groep 1
 
  Volgende opleidingsonderdelen worden geadviseerd ook opgenomen te zijn in uw studieprogramma tot op heden.
    Bestuursrecht (3845) 4.0 stptn  
 
Of groep 2
 
  Volgende opleidingsonderdelen worden geadviseerd ook opgenomen te zijn in uw studieprogramma tot op heden.
    Bestuursrecht (9684) 6.0 stptn  
 


Begincompetenties

De student kan de basisbeginselen van de algemene bestuursrechtelijke begrippen die aan bod zijn gekomen tijdens het OPO bestuursrecht (3845 of 9684), zoals onder meer de administratieve rechtshandeling, de algemene beginselen van behoorlijk bestuur, het begrip administratieve overheid, de exceptie van onwettigheid, uitleggen, kaderen en toepassen in een concrete opgave. De student is in staat om een schending van hogere rechtsregels te herkennen en kan ook (een schending van) verschillende algemene beginselen van behoorlijk bestuur identificeren en beoordelen in het kader van een concrete opgave of casus.

De student kan op algemene wijze de respectievelijke bevoegdheden van de hoven en rechtbanken, bestuursrechtscolleges en het Grondwettelijk Hof van elkaar onderscheiden.

De student is in staat om zich de inhoud van vonnissen en arresten van de (hoogste) rechtscolleges in onze rechtsorde eigen te maken en deze rechtspraak vlot door te nemen en te analyseren.



Inhoud

Het opleidingsonderdeel Grondige studie publiek procesrecht maakt de studenten wegwijs in het kluwen van rechtsbeschermingsmogelijkheden en -mechanismen tegen het optreden van de verschillende organen van de overheid

Tijdens het opleidingsonderdeel wordt in de eerste plaats aandacht besteed aan de bescherming van de burger tegen het optreden van bestuurlijke overheden. Hierbij wordt zowel de preventieve rechtsbescherming behandeld, als de rechtsbescherming achteraf. Vanuit de algemene notie overheid wordt een onderscheid gemaakt tussen de verschillende overheden waarmee de burger in aanraking kan komen en wordt nagegaan op welke wijze de burger zijn rechten kan vrijwaren ten aanzien van die overheden. Er wordt ingegaan op het onderscheid en verhouding tussen eventuele klachtenprocedures, administratieve beroepen en gerechtelijke of jurisdictionele beroepen en op de bevoegdheidsverdeling tussen de gewone hoven en rechtbanken en de administratieve rechtscolleges. Voor beide soorten jurisdicties wordt nagegaan welk rechtsherstel zij de burger kunnen bieden. Binnen dit onderdeel neemt de studie van de administratieve rechtscolleges en in het bijzonder de Raad van State, als hoogste administratief rechtscollege, een belangrijke plaats in. Zowel de organisatie en de bevoegdheid daarvan, als de procesvoering voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, komen uitgebreid aan bod. Specifiek voor de bestuursrechtspraak wordt ook aandacht besteed aan het recht op eerlijk proces en het recht op toegang tot de rechter evenals bij de specifieke rol van de bestuursrechter en de instrumenten waarover de bestuursrechter beschikt en op welke grenzen hij stuit bij het verlenen van rechtsbescherming.

Voorts bestaat het tweede luik van het vak uit de rechtsbescherming tegen het optreden van wetgevende overheidsorganen. Daarbij wordt de aandacht in hoofdzaak gericht op de positie van het Grondwettelijk Hof, de mogelijke procedures en de gevolgen van de arresten van het Hof.

Het vak beoogt de studenten eveneens vertrouwd te maken met de inhoud, de methode en de benadering die de bestuursrechtspraak en de grondwettelijke rechtspraak typeren. De studenten zullen daartoe dan ook aan de slag gaan met rechtspraak van de Raad van State en andere administratieve rechtscolleges (zoals de Raad voor Vergunningsbetwistingen), van het Grondwettelijk Hof en – in de mate ze verband houden met rechtsbescherming ten aanzien van een overheid – ook van de burgerlijke hoven en rechtbanken.

Het opleidingsonderdeel sluit aan en bouwt voort op de basiskennis die tijdens de bacheloropleiding werd opgedaan tijdens de lessen van de vakken Staatsrecht (1e bachelor), Bestuursrecht (3e bachelor) en Gerechtelijk recht (3e bachelor). Er wordt een beroep gedaan op die basiskennis en deze zal verder worden uitgediept bij het behandelen van de leerstukken die aan bod zullen komen tijdens de contactmomenten van het opleidingsonderdeel.



Verplichte cursussen (gedrukt door boekhandel)
 

Cursus 1:
Subtitel: Wettenbundel
Extra info: Ook voorziet het Onderwijsteam in een aanvullende wetgevingsbundel bij de VRG-codex die beschikbaar zal worden gesteld via de Campusboekhandel.

Cursus 2:
Subtitel: Blokboek 2026-2027
Extra info: Het Blokboek 2026-2027 wordt via de Campusboekhandel of via Blackboard ter beschikking gesteld. Het bevat de praktische toelichting, de verplichte literatuur (rechtsleer, rechtspraak, wetgeving, ...) en de opgaven (zowel voor de hoorcolleges als voor de onderwijsgroepbijeenkomsten).

 

Verplicht studiemateriaal
 

Het Blokboek 2026-2027 wordt via de Campusboekhandel of via Blackboard ter beschikking gesteld. Het bevat de praktische toelichting, de verplichte literatuur (rechtsleer, rechtspraak, wetgeving, ...) en de opgaven (zowel voor de hoorcolleges als voor de onderwijsgroepbijeenkomsten).

Het Onderwijsteam verwijst tijdens de lessen of via Blackboard naar eventuele bijkomende literatuur en (actuele) rechtspraak van de Raad van State, de Raad voor Vergunningsbetwistingen, het Grondwettelijk Hof of andere (bestuurs)rechtscolleges. Deze rechtspraak wordt in voorkomend geval ter beschikking gesteld via Blackboard of kan via de geijkte kanalen worden opgezocht door de studenten.

Ook voorziet het Onderwijsteam in een aanvullende wetgevingsbundel bij de VRG-codex die beschikbaar zal worden gesteld via de Campusboekhandel.

 

Aanbevolen studiemateriaal
 

Eventuele aanvullende literatuur via Blackboard.



Organisatie- / Werkvormen
Organisatievormen  
Excursie/veldwerk  
Hoorcollege  
Onderwijsgroep  
Werkvormen  
Casestudy  
Discussies /debat  
Oefeningen  


Evaluatie

Semester 2 (6,00sp)

Evaluatievorm
Schriftelijke evaluatie tijdens onderwijsperiode15 %
Behoud van deelcijfer in academiejaarJa, met voorwaarde
Voorwaarde behoud van deelcijfer in academiejaarDe punten voor de schriftelijke evaluatie blijven behouden voor de tweede examenkans indien de student hiervoor geslaagd was.
Mondelinge evaluatie tijdens onderwijsperiode15 %
Behoud van deelcijfer in academiejaarJa, met voorwaarde
Voorwaarde behoud van deelcijfer in academiejaarDe punten voor de mondelinge evaluatie blijven behouden voor de tweede examenkans indien de student hiervoor geslaagd was.
Schriftelijk examen70 %
Gesloten-boek
Casus
Meerkeuzevragen
Open vragen
Reflectieopdracht
Extra info

Op de eventuele meerkeuzevragen zal geen giscorrectie worden toegepast.

De docent bepaalt in overleg met het Onderwijsmanagementteam en de studentenadministratie de planning en de examenvorm voor een eventueel inhaalexamen. De examenvorm kan afwijken van de examenvorm die werd gebruikt tijdens de reguliere examenperiode. De planning en examenvorm worden aan de student meegedeeld nadat de aanvraag van een inhaalexamen is goedgekeurd.


Tweede examenkans

Evaluatievorm tweede examenkans verschillend van eerste examenkans
Neen
Toelichting evaluatievorm In principe is de evaluatie in 2e kans identiek aan de evaluatie bij 1e
kans.
Afhankelijk van het aantal deelnemers kan de evaluatievorm bij de tweede
kans uitzonderlijk gewijzigd worden.

De wijziging van examenvorm wordt aangekondigd bij de bekendmaking van
het examenrooster van 2e kans.
De opdracht kan in dit geval gewijzigd worden in een schriftelijke
opdracht of een extra vraag op het examen.
Het examen kan in dit geval gewijzigd worden in een mondeling examen met
open vragen, reflectieopdrachten, stellingen en casussen.


Eindcompetenties
  EC = eindcompetenties      DC = deelcompetenties      BC = beoordelingscriteria  
master in de rechten
  •  EC 
  • EC01 - De master in de rechten heeft een inleidende en uitdiepende wetenschappelijk-disciplinaire kennis van en inzicht in de leerstukken en in de systematiek(en) van de rechtsgebieden behorende tot de kernvakken van de masteropleiding, mede vanuit Europees en rechtsvergelijkend perspectief. De master in de rechten kan deze kennis, inzichten en systematiek(en) toepassen, mede vanuit Europees en rechtsvergelijkend perspectief. (wetenschappelijk-disciplinaire kennis)

     
  •  DC 
  • De student kan de centrale begrippen in de behandelde leerstukken van rechtsbescherming tegen de overheid uitleggen en plaatsen, kan deze leerstukken toepassen in een casus, correct duiden in de huidige stand van het recht en kan kritisch stelling innemen omtrent het nut van voorgestelde of overwogen evoluties.
     
  •  DC 
  • De student ziet de verbanden tussen de verschillende behandelde leerstukken en kan deze benutten voor het bepalen van de gepaste procedurele stappen bij conflicten met de overheid.
  •  EC 
  • EC03 - De master in de rechten heeft inzicht in de recente maatschappelijke ontwikkelingen en het wetenschappelijk onderzoek in het vakgebied. (wetenschappelijk-disciplinaire kennis)

     
  •  DC 
  • De student kan maatschappelijke en actuele discussies omtrent rechtsbescherming tegen de overheid, zoals bijv. omtrent de omvang van het ingrijpen van de bestuursrechter op het beleid, ontwikkelingen en voorgenomen wijzigingen van de werking van de diverse (bestuurs)rechtscolleges, plaatsen in hun juridische context en kan hieromtrent de nodige juridisch-wetenschappelijke duiding vinden.
  •  EC 
  • EC07 - De master in de rechten kan wetgevingen, rechtspraak, rechtsleer en andere juridische teksten analyseren, interpreteren en verantwoord aanwenden. (algemeen wetenschappelijke onderzoekscompetentie)

     
  •  DC 
  • De student kan de relevante juridische teksten correct interpreteren, kritisch benaderen en autonoom aanwenden bij het zoeken naar een geschikte oplossing voor een probleem van rechtsbescherming tegen de overheid.
  •  EC 
  • EC09 - De master in de rechten is in staat om de verschillende elementen en de relevante rechtsregels in een complexe probleemstelling te detecteren en één of meerdere adequate oplossingsstrategieën te selecteren, de gemaakte keuze te verantwoorden, en de gekozen oplossingstrategie(ën) toe te passen. (algemene competentie)

     
  •  DC 
  • De student is in staat mogelijke procedureproblemen te identificeren, te plaatsen en op te lossen en kan daarbij zo nodig pragmatisch en probleemoplossend aan de slag gaan met de toepasselijke regelgeving en de openstaande rechtsbeschermingsmechanismen.
     
  •  DC 
  • De student kan in een conflictsituatie waarbij een overheid betrokken is, de verschillende betrokken actoren adviseren omtrent de meest geschikte procedureweg om het probleem aan te pakken en op te lossen waarbij ook rekening wordt gehouden met alternatieven op de procedure bij een rechtscollege.
  •  EC 
  • EC10 - De master in de rechten kan de verschillende belanghebbenden en hun specifieke belangen in een complexe probleemstelling identificeren en deze belangen integreren in de eigen redenering en aanpak. (algemene competentie)

  •  EC 
  • EC11 - De master in de rechten is in staat om eigen ideeën, standpunten en oplossingen zowel schriftelijk als mondeling op een adequate manier te communiceren en te presenteren in diverse contexten en daarbij gebruik te maken van de Nederlandse, Engelse en Franse (rechts)taal. (algemene competentie)

  •  EC 
  • EC12 - De master in de rechten is zich bewust van het belang van duurzame conflicthantering, in het bijzonder door onderhandeling en bemiddeling, heeft inzicht in diverse duurzame conflicthanteringsonderhandelings- en bemiddelingstechnieken, en weet de basistechnieken hiervan adequaat toe te passen. (algemene competentie)

     
  •  DC 
  • De student kan bij de beoordeling van een conflictsituatie waarin een overheid betrokken is, adequaat inschatten of en in welke mate het kiezen van een methode van alternatieve geschillenoplossing zowel juridisch als feitelijk mogelijk en zinvol is. De student kan daarbij ook inschatten wat de gevolgen zijn voor de openstaande rechterlijke beroepen.
  •  EC 
  • EC15 - De master in de rechten toont een kritische attitude, en is in staat het recht en de verschillende juridische standpunten in kaart te brengen, kritisch te benaderen en zo te komen tot een eigen juridisch onderbouwd oordeel. (algemene competentie)

     
  •  DC 
  • De student kent de twistpunten in rechtsleer en rechtspraak met betrekking tot de behandelde leerstukken van rechtsbescherming tegen de overheid en kan de verschillende visies duiden en met elkaar confronteren. De student is in staat om kritisch om te gaan met de voormelde leerstukken en een gemotiveerd standpunt in te nemen zowel vanuit een abstract-wetenschappelijk oogpunt, als met het oog op de behartiging van de belangen van een betrokken partij in de juridische praktijk.
  •  EC 
  • EC16 - De master in de rechten kan in teamverband, op een actieve en constructieve manier, bijdragen aan een gemeenschappelijke doelstelling in een multidisciplinaire context. (algemene competentie)

 

Plaats in het onderwijsaanbodTolerantie3
1ste masterjaar in de rechten J
Master in de rechten grondige studies J
Master in de rechten vrije keuze J



1   Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 12.2, lid 2.
2   Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 15.1, lid 3.
3   Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 16.9, lid 2.