De elektronische studiegids voor het academiejaar 2026 - 2027 is onder voorbehoud.





Cellulaire toxicologie (3129)

Coördinerend verantwoordelijke:Prof. dr. Sophie HENDRIX 
Co-titularis:Prof. dr. Ann CUYPERS 
 Prof. dr. Karen SMEETS 
Lid van het onderwijsteam:Mevrouw Ann WIJGAERTS 
 dr. Isabeau VANBUEL 
 Mevrouw Laura BOS CALDERO 


Studiepunten: 4,0
Studiebelastingsuren: 108
Periode: semester 2 (4sp)

Onderwijstaal: Nederlands
Examencontract: niet mogelijk

2de Examenkans1: Ja
Eindcijfer2: Numeriek
Tolerantie3: Zie plaats in het onderwijsaanbod

Volgtijdelijkheid
Verplichte volgtijdelijkheid op niveau van de opleidingsonderdelen
 
 
  Volgende opleidingsonderdelen dient u ook opgenomen te hebben in uw studieprogramma in een voorgaande onderwijsperiode.
    Biologie van de cel (3370) 5.0 stptn  
    Genetica (0623) 4.0 stptn  
    Inleiding tot de biochemie (1399) 5.0 stptn  
    Moleculaire genetica (5481) 6.0 stptn  
 


Begincompetenties
  1. De student(e) heeft een goede kennis van de structuurchemie van biomoleculen en bezit voldoende inzicht in zuur-base evenwichten alsook redox-reacties. (OPO: Inleiding to de biochemie)
  2. De student(e) heeft een grondige kennis van de eukaryote cel en zijn functie in eukaryote organismen, meer specifiek heeft de student(e) inzicht in het metabolisme en de moleculaire genetica van de eukaryote cel. (OPO's: Biologie van de cel; Genetica; Moleculaire genetica)


Inhoud

Theoretische doelstellingen:

  • De student kent de verschillende toxicologische basisbegrippen en weet hoe deze berekend worden.
  • De student kan de verschillende fasen van toxicologie beschrijven.
  • De student heeft kennis van de verschillende opnameroutes van xenobiotica.
  • De student heeft inzicht in biotransformatieprocessen.
  • De student kent het begrip oxidatieve stress onder normale omstandigheden en na blootstelling aan interne en externe stress factoren.
  • ·De student heeft inzicht in hoe verschillende cellulaire ""mode of actions"" geïnduceerd kunnen worden door toxische stoffen en hoe dit kan leiden tot klinische eindpunten.
  • De student kent de mechanismen van genetische toxiciteit en herstel.
  • De student kent de basisprincipes in carcinogenese.
  • De student kan verschillende vormen van celdood beschrijven en implementeren in de moleculaire mechanismen van toxiciteit.

Praktische vaardigheden:

  • De student is zich bewust van zijn maatschappelijke rol in de preventie ten aanzien van het gebruik van toxische stoffen in de leefomgeving.
  • De student is in staat om de verschillende fasen van toxicologie over een toxische stof te bespreken en hoe deze stof oxidatieve stress kan veroorzaken. De student kan dit voorstellen in een presentatie.
  • De student kent de verschillende stappen en handelingen van genexpressie-analysen met behulp van real-time qPCR en kan deze toepassen. De student kan de verkregen data op een betrouwbare manier analyseren.


Verplicht studiemateriaal
 

Cursusmateriaal en studieleidraad worden op Blackboard geplaatst. De studieleidraad bevat de instructies voor die delen van de cursus die de studenten moeten studeren, inclusief enkele vragen.



Organisatie- / Werkvormen
Organisatievormen  
Hoorcollege  
Practicum  
Responsiecollege  
Werkzittingen  


Evaluatie

Semester 2 (4,00sp)

Evaluatievorm
Schriftelijke evaluatie tijdens onderwijsperiode30 %
Open-boek
Schriftelijk examen10 %
Gesloten-boek
Meerkeuzevragen
Mondeling examen60 %
Open vragen
Evaluatievoorwaarden (deelname en/of slagen)
VoorwaardenBeoordeling op verslagen van het projectpracticum (deelname is verplicht) en een gedeelte open-boek examen.
GevolgDe student(e) die ongewettigd afwezig is voor het projectpracticum en/of een of meerdere verslagen niet heeft ingeleverd, krijgt voor het opleidingsonderdeel als eindresultaat een N: examenonderdeel niet volledig afgelegd: ongewettigd afwezig voor onderde(e)len van de evaluatie.

Tweede examenkans

Evaluatievorm tweede examenkans verschillend van eerste examenkans
Neen
Toelichting evaluatievorm Deelpunten van de evaluaties tijdens het jaar blijven behouden


Eindcompetenties
  EC = eindcompetenties      DC = deelcompetenties      BC = beoordelingscriteria  
bachelor in de chemie
  •  EC 
  • EC 2: De bachelor in de chemie heeft daartoe een grondige kennis in de voornaamste disciplines van de chemie, is vertrouwd met hun denkwijze en hun wetenschappelijke methodologie, en kan die toepassen voor het oplossen van een chemisch probleem, met name in:

    - de analytische chemie

    - de anorganische chemie

    - de fysische en de theoretische chemie

    - de organische chemie

    - de beginselen van biochemie en macromoleculaire chemie

    - de levende wereld op moleculair, cellulair, genetisch en organismaal niveau, voor de bachelor chemie in de optie Biochemie

    - elementen van de fysische chemie in het domein van anorganische, organische en theoretische chemie, voor de bachelor chemie in de optie Materiaalchemie en deels ook in de optie Onderwijs

  •  EC 
  • EC 3: Debachelor in de chemie heeft kennis van en inzicht in aanverwante wetenschappelijke disciplines zoals fysica, biologie, geologie en ingenieurswetenschappen. Hij/zij is in staat adequaat te communiceren met vertegenwoordigers uit deze vakgebieden.

  •  EC 
  • EC 12: De bachelor in de chemie kan projectmatig op een constructieve wijze samenwerken met anderen als lid van een team.

 

Plaats in het onderwijsaanbodTolerantie3
3de bachelorjaar in de chemie pakket vrije keuze aanvulling J



1   Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 12.2, lid 2.
2   Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 15.1, lid 3.
3   Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 16.9, lid 2.