De elektronische studiegids voor het academiejaar 2026 - 2027 is onder voorbehoud.





Rechtsgeschiedenis (3923)

Coördinerend verantwoordelijke:Prof. dr. Bram VAN HOFSTRAETEN 
Lid van het onderwijsteam:De heer Job FLEKKEN 
 Mevrouw Manon MOERMAN 
 dr. Mathijs NOTERMANS 
 De heer Pol VAN DE WIEL 


Studiepunten: 4,0
Studiebelastingsuren: 108
Periode: kwartiel 2 (4sp)

Onderwijstaal: Nederlands
Examencontract: niet mogelijk

2de Examenkans1: Ja
Eindcijfer2: Numeriek
Tolerantie3: Zie plaats in het onderwijsaanbod

Volgtijdelijkheid
Geen volgtijdelijkheid


Begincompetenties
  • De student kent en begrijpt de hoofdlijnen van de Europese geschiedenis, en de geschiedenis van de Lage Landen in het bijzonder. De student is in staat de verschillende historische periodes (Romeinse tijd, middeleeuwen, nieuwe tijd, nieuwste tijd) te benoemen en van elkaar te onderscheiden. De student kan deze informatie als ruimer raamwerk laten fungeren bij verdere, meer gedetailleerde, historische analyses en beschrijvingen.
  • De student kent en begrijpt de elementaire begrippen van het recht, zoals rechtsbronnen, rechtsleer, wetgeving, codificatie, gewoonte, staatsrecht, rechtspraak, etc., en kan deze toelichten en van elkaar onderscheiden.
  • De student kan zelfstandig relevante informatie verzamelen voor een individueel geschreven werkstuk, en weet hierbij de geijkte kanalen (bibliotheken, e-journals, databanken, etc.) op een efficiënte manier te benutten. De student is in staat het verzamelde materiaal kritisch te evalueren en te verwerken tot een overzichtelijke synthese.


Inhoud

Het blok Rechtsgeschiedenis biedt studenten inzicht in het ontstaan en de ontwikkeling van de Europese rechtstraditie en legt een basis voor een goed begrip van de historische achtergronden van de verschillende moderne rechtssystemen in Europa. Hierbij ligt de nadruk op de externe rechtsgeschiedenis en niet op de interne rechtsgeschiedenis.

In de onderwijsbijeenkomsten wordt, aan de hand van concrete casussen, gestreefd naar verdieping m.b.t. de stof die in de hoorcolleges werd behandeld.



Verplichte handboeken (boekhandel)
 

Handboek 1:

Inleiding tot de Europese rechtsgeschiedenis, Randall Lesaffer, 2013, Universitaire Pers Leuven (of recentere edities)

ISBN: 9789058679802

 

Opmerkingen
 

Voor het handboek mag de 2013 editie gebruikt worden, of een nieuwere editie. Beide zijn in orde.



Organisatie- / Werkvormen
Organisatievormen  
Hoorcollege  
Onderwijsgroep  


Evaluatie

Kwartiel 2 (4,00sp)

Evaluatievorm
Schriftelijke evaluatie tijdens onderwijsperiode10 %
Huiswerktaken
Schriftelijk examen90 %
Gesloten-boek
Open vragen
Evaluatievoorwaarden (deelname en/of slagen)
Voorwaarden

Het deelcijfer voor de schriftelijke evaluatie tijdens de onderwijsperiode (10%) kan alleen verkregen worden indien alle weekopdrachten met voldoende inzet zijn gemaakt en tijdig werden ingeleverd (uitgezonderd de door de student gewraakte weekopdracht). Opdrachten die niet tijdig werden ingeleverd of waaraan met onvoldoende inzet is gewerkt (blanco, veel te laag woordental, nauwelijks of geen connectie van de ingeleverde tekst met de oorspronkelijke opdracht) worden in dit verband als niet ingeleverd beschouwd. 

Gevolg

Indien niet alle weekopdrachten werden ingediend, zal voor deze deelevaluatie een 0 toegekend worden.

Extra info

De docent bepaalt in overleg met het Onderwijsmanagementteam en de studentenadministratie de planning en de examenvorm voor een eventueel inhaalexamen. De examenvorm kan afwijken van de vorm die werd gebruikt tijdens de reguliere examenperiode. De planning en examenvorm worden aan de student meegedeeld nadat de aanvraag van een inhaalexamen is goedgekeurd.


Tweede examenkans

Evaluatievorm tweede examenkans verschillend van eerste examenkans
Ja
Toelichting evaluatievorm Tijdens de tweede examenkans worden de studenten uitsluitend geëvalueerd
aan de hand van een schriftelijk examen bestaande uit open vragen
(100%). Er kan geen deelcijfer worden overgedragen naar een volgende
examenperiode. De ingeleverde weekopdracht (tijdens de permanente
evaluatie gedurende de eerste examenkans) kan dus niet worden herkanst
en wordt vervangen door één of meer open vragen over de stof die in de
onderwijsbijeenkomsten behandeld werd.


Eindcompetenties
  EC = eindcompetenties      DC = deelcompetenties      BC = beoordelingscriteria  
bachelor in de rechten
  •  EC 
  • EC02 - De bachelor in de rechten heeft (basis)kennis van metajuridische wetenschappen, waaronder historische, filosofische, sociale en politieke aspecten van het recht, economische beginselen, en redeneerkunst. (wetenschappelijk-disciplinaire kennis)

     
  •  DC 
  • De student is in staat om de hoofdlijnen van de Europese rechtsgeschiedenis te beschrijven.

  •  EC 
  • EC03 - De bachelor in de rechten heeft inzicht in de problematiek van eenmaking van het recht, in het bijzonder binnen de Europese context.

     
  •  DC 
  • De student kan historische pogingen tot éénmaking van het recht aanwijzen en evalueren.

  •  EC 
  • EC04 - De bachelor in de rechten heeft inzicht in de voortdurende interactie tussen nationaal, supranationaal en internationaal recht. (wetenschappelijk-disciplinaire kennis)

     
  •  DC 
  • De student kan de interactieve wisselwerking tussen verschillende historische rechtsbronnen binnen een Europese context toelichten.

  •  EC 
  • EC05 - De bachelor in de rechten kan een nationaal rechtsgebied benaderen vanuit een Europees, internationaal en rechtsvergelijkend perspectief. (wetenschappelijk-disciplinaire kennis)

     
  •  DC 
  • De student kan verschillende historische rechtssystemen binnen een Europese context differentiëren en met elkaar vergelijken.

  •  EC 
  • EC06 - De bachelor in de rechten kan wetgeving, rechtspraak, rechtsleer, en andere juridische teksten en bronnenmateriaal verzamelen, selecteren, analyseren en kritisch verwerken. (algemeen wetenschappelijke onderzoekscompetentie)

  •  EC 
  • EC07 - De bachelor in de rechten kan in toenemende mate van zelfstandigheid omgaan met verschillende (digitale) bronnen van het juridische vakgebied, zowel Nederlandstalige, Engelstalige als Franstalige bronnen. (algemeen wetenschappelijke onderzoekscompetentie)

     
  •  DC 
  • De student kan op kritische wijze rechtshistorische bronnen evalueren en zelfstandig in een schriftelijk werkstuk implementeren.

  •  EC 
  • EC12 - De bachelor in de rechten kan op zelfstandige en heldere wijze mondeling en schriftelijk adequaat communiceren over juridische informatie, ideeën, argumenten, problemen en oplossingen. De bachelor in de rechten maakt hierbij desgevallend gebruik van de meest adequate gespreks- of presentatietechnieken. (algemene competentie)

     
  •  DC 
  • De student kan schriftelijk historische rechtssystemen in verschillende Europese landen reconstrueren aan de hand van verschillende wetenschappelijke bronnen.

  •  EC 
  • EC13 - De bachelor in de rechten onderkent ethische en sociaal-maatschappelijke aspecten in een juridische context. De bachelor in de rechten kan deze aspecten mee in rekening brengen bij het richting geven aan de oordeelsvorming. (algemene competentie)

  •  EC 
  • EC14 - De bachelor in de rechten toont een kritische attitude en is in staat het recht en juridische standpunten naar waarde te schatten, in vraag te stellen, en hierover te reflecteren. De bachelor in de rechten kan een argumentatie opbouwen en verdedigen. (algemene competentie)

 

Plaats in het onderwijsaanbodTolerantie3
1ste bachelorjaar in de rechten J



1   Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 12.2, lid 2.
2   Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 15.1, lid 3.
3   Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 16.9, lid 2.