Onderzoeksportfolio (4194) |
| Studiepunten: 6,0 | | Studiebelastingsuren: 162 | Periode: semester 1 (0sp) semester 2 (6sp)  |
| Onderwijstaal: Nederlands |
|
|
Er is geen specifieke voorkennis vereist.
|
|
|
|
|
De algemene doelstelling van deze cursus is om:
- een diepgaander begrip en inzicht te verwerven met betrekking tot typisch onderzoekswerk in het domein van de Mobiliteitswetenschappen.
- de bekwaamheid te ontwikkelen om op zelfstandige wijze onderzoek uit te voeren in het domein van de Mobiliteitswetenschappen.
- aanvullende interesses, vaardigheden en bekwaamheden te verkennen (promotie van het studieprogramma, vrijwilligerswerk op het terrein, website ontwikkeling e.d.).
De bovengenoemde doelstellingen van de cursus worden bereikt door actieve deelname aan de opdracht die aan de studenten wordt gegeven. Daarnaast moeten de studenten in het kader van deze cursus hun plan van aanpak voor hun masterproef opstellen, zodat ze goed voorbereid zijn en direct aan hun masterproef kunnen beginnen zodra deze cursus met succes is afgerond.
|
|
| Verplicht studiemateriaal |
| |
Verplicht studiemateriaal zal in overleg met taakbegeleiders bepaald en aangeleverd worden. |
|
 
|
| Aanbevolen literatuur |
| |
Aanbevolen literatuur zal in overleg met de taakbegeleider bepaald en aangeleverd worden. |
|
 
|
| Aanbevolen studiemateriaal |
| |
Aanbevolen studiemateriaal zal in overleg met de taakbegeleider bepaald en aangeleverd worden. |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Individueel begeleidingsmoment ✔
|
|
|
|
|
|
|
|
Discussies /debat ✔
|
|
|
|
Huiswerktaken ✔
|
|
|
|
Portfolio ✔
|
|
|
|
Presentatie ✔
|
|
|
|
Semester 2 (6,00sp)
| Evaluatievorm | |
|
| Schriftelijke evaluatie tijdens onderwijsperiode | 95 % |
|
| Behoud van deelcijfer in academiejaar | Ja, met voorwaarde |
|
| Voorwaarde behoud van deelcijfer in academiejaar | Deze beoordeling is gebaseerd op het onderdeel ‘uitvoering van
opdrachten’ (3 ECTS), de uitvoering van de IOP-duurzaamheidsopdracht (1
ECTS), de kritische reflectie (0,5 ECTS, gedeeltelijk) en de opdracht
‘plan van aanpak’ (1,5 ECTS). De deelscores voor de verschillende
onderdelen van het opleidingsonderdeel uit de onderwijsperiode blijft
behouden voor de tweede examenpoging, zelfs in geval van een
onvoldoende. Als de student zakt voor de opdrachten (3 ECTS + 1 ECTS),
d.w.z. een score < 10/20 behaalt, worden de opdrachten en de kritische
reflectie als onvoldoende beschouwd en worden de behaalde cijfers voor
deze onderdelen niet meegenomen. Het herkansingsexamen is alleen
beschikbaar voor de opdracht ‘Plan van Aanpak’ en de kritische
reflectie. |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| Mondelinge evaluatie tijdens onderwijsperiode | 5 % |
|
| Behoud van deelcijfer in academiejaar | Ja, met voorwaarde |
|
| Voorwaarde behoud van deelcijfer in academiejaar | Deze beoordeling geldt gedeeltelijk voor het onderdeel ‘Kritische
reflectie’ (0,5 ECTS) van de cursus. Het deelcijfer voor dit onderdeel
van de cursus uit de onderwijsperiode blijft behouden voor de tweede
examenpoging, zelfs in geval van een onvoldoende, maar alleen als de
opdrachten (3 ECTS + 1 ECTS) zijn gehaald (d.w.z. een score van 10 of
meer op 20). |
|
|
|
|
|
|
|
|
| Evaluatievoorwaarden (deelname en/of slagen) | ✔ |
|
| Voorwaarden | Dit opleidingsonderdeel bestaat uit 4 onderdelen: het plan van aanpak voor de masterproef (1,5 ECTS), het voltooien van opdrachten (3 ECTS), het voltooien van de IOP-duurzaamheidsopdracht (1 ECTS) en kritische reflectie (0,5 ECTS). Deelname aan en tijdige inlevering van het relevante werk voor alle onderdelen is verplicht. Om deel te kunnen nemen aan het debat binnen het onderdeel Kritische reflectie, moeten eerst de onderdelen Opdrachten (3 ECTS + 1 ECTS) zijn afgerond. |
|
|
|
| Gevolg | Studenten moeten voor alle vier de onderdelen van dit opleidingsonderdeel afzonderlijk slagen (met een score van 10 of hoger), Als de student voor één of meerdere van de onderdelen minder dan 10/20 behaalt, krijgt hij of zij maximaal 9/20 voor de gehele cursus. Als de student niet tijdig deelneemt of opdrachten inlevert voor één of meerdere onderdelen van de cursus, leidt dit tot een score van 0/20 voor dat specifieke onderdeel en een ‘N’ voor de gehele cursus. |
|
|
|
Tweede examenkans
| Evaluatievorm tweede examenkans verschillend van eerste examenkans | |
|
| Toelichting evaluatievorm | De tweede examenkans geldt uitsluitend voor het onderdeel ‘Kritische reflectie’ en het rapport over de aanpak van de scriptie van dit opleidingsonderdeel. De tweede examenkans is NIET beschikbaar voor studenten die zijn gebuisd (score lager dan 10/20) of niet hebben deelgenomen aan de opdrachten (3 ECTS + 1 ECTS). Als de student een tweede examenkans heeft, is het zijn of haar verantwoordelijkheid om tijdig contact op te nemen met de coördinator indien onduidelijk is welke onderdelen hij of zij voor de tweede poging moet afleggen. |
|
|
|
|
Eindcompetenties | EC = eindcompetenties DC = deelcompetenties BC = beoordelingscriteria |
master in de mobiliteitswetenschappen
|
- EC
| EC1: De afgestudeerde past kennis toe op een zelfstandige en zelfsturende manier. De afgestudeerde is in staat om kritisch de eigen leerprocessen te plannen, te bewaken, te sturen en te evalueren en zorg te dragen voor eigen (kwaliteits-) controle. | | | - DC
| DC1: De student toont op individuele basis initiatief, creëert kansen door te anticiperen en stelt zich flexibel op. | | | - DC
| DC3: De student heeft een gevorderd niveau van kennis en inzicht eigen aan het wetenschappelijk functioneren in het domein van de mobiliteitswetenschappen. | | | - DC
| DC4: De student evalueert zijn/haar manier van werken rekening houdend met de kwaliteit van het werk en trekt lessen voor de toekomst. | | | - DC
| DC5: De student werkt op een zelfstandige en zelfsturende manier, doet hierbij aan zelfreflectie en streeft steeds verbetering na. | - EC
| EC2: De afgestudeerde heeft diepgaande kennis en inzicht in de concepten, methodes, en (onderzoeks)technieken van de mobiliteitswetenschappen en past deze adequaat en zelfstandig toe. | | | - DC
| DC1: De student kan op zelfstandige wijze internationale wetenschappelijke vakliteratuur uit het vakgebied van mobiliteitswetenschappen raadplegen, beoordelen en synthetiseren i.f.v. de kennis die nodig is. | | | - DC
| DC2: De student kan op basis van de informatie uit de internationale wetenschappelijke vakliteratuur een standpunt innemen en dit beargumenteren. | | | - DC
| DC3: De student kan op basis van een bepaalde context zelfstandig de juiste concepten, methoden of technieken voor wetenschappelijk onderzoek selecteren en verantwoorden. | | | - DC
| DC4: De student past de geselecteerde concepten, methoden of technieken voor wetenschappelijk onderzoek zelfstandig toe en interpreteert op een adequate wijze. | - EC
| EC3: De afgestudeerde voert zelfstandig een onderzoek uit in de mobiliteitswetenschappen en reikt realistische en duurzame oplossingen aan voor complexe mobiliteitsproblemen door het aanwenden van relevante theorieën en/of modellen uit het vakgebied van mobiliteitswetenschappen en uit gerelateerde vakgebieden. | | | - DC
| DC1: De student kan relevante mobiliteitsproblemen identificeren in het vakgebied van mobiliteitswetenschappen. | | | - DC
| DC2: De student biedt een realistische duurzame oplossing aan voor een bepaald probleem op basis van verworven kennis en inzichten uit zijn/haar academische opleiding. | | | - DC
| DC4: De student bezit het vermogen om om te gaan met onzekerheden die gepaard gaan met complexe mobiliteitsproblemen en ontwikkelt hiervoor op een creatieve manier gepaste duurzame oplossingsstrategieën. | - EC
| EC6: De afgestudeerde is in staat om te communiceren - zowel schriftelijk als mondeling - over zijn vakgebied met wetenschappers uit het eigen of aangrenzende vakgebieden en met brede maatschappelijke groeperingen en anderen hierbij te overtuigen. | | | - DC
| DC1: De student is in staat om schriftelijk op een logisch gestructureerde en duidelijk begrijpbare manier het proces, de resultaten alsook zijn/haar standpunten kenbaar te maken en hierover van mening te wisselen. | - EC
| EC8: De afgestudeerde handelt en reflecteert op een ethische en duurzame manier. | | | - DC
| DC2: De student handelt volgens de deontologische codes van onderzoek. | | | - DC
| DC3: De student gaat systematisch te werk en reflecteert bij iedere stap kritisch over het proces. | | | - DC
| DC4: De student houdt in zijn handelen rekening met de impact op zichzelf, de mens en de maatschappij. |
|
|
|
|
| Plaats in het onderwijsaanbod | Tolerantie3 |
|
1e masterjaar in de mobiliteitswetenschappen
|
J
|
|
|
1 Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 12.2, lid 2. |
| 2 Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 15.1, lid 3. |
3 Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 16.9, lid 2.
|
|
|