De elektronische studiegids voor het academiejaar 2026 - 2027 is onder voorbehoud.





Europese samenleving en cultuur (4868)

Coördinerend verantwoordelijke:Prof. dr. Bastiaan REDERT 
Lid van het onderwijsteam:Mevrouw Camille MEUS 
 Mevrouw Ella HERMANS 


Studiepunten: 3,0
Studiebelastingsuren: 81
Periode: semester 1 (3sp)
Overgangscurriculum

Onderwijstaal: Nederlands
Examencontract: niet mogelijk

2de Examenkans1: Ja
Eindcijfer2: Numeriek
Tolerantie3: Zie plaats in het onderwijsaanbod

Volgtijdelijkheid
Geen volgtijdelijkheid


Begincompetenties

- De student heeft rudimentaire kennis over politieke systemen en Europese politiek.

- De student kan op een effectieve manier wetenschappelijke literatuur opzoeken.



Inhoud

Het opleidingsonderdeel biedt een overzicht van de sociale, politieke en culturele integratie op het Europese continent. Er wordt aandacht besteed aan het Europese integratieproces, en het Europees besluitvormingsproces. Hierbij is er een focus op het functioneren van de belangrijkste instellingen en politieke actoren in het Europese besluitvormingsproces, en wordt er ingegaan op een aantal specifieke beleidsdomeinen en -initiatieven van de Europese Unie. 



Verplichte handboeken (boekhandel)
 

Handboek 1:

De Bestuurlijke Kaart van de Europese Unie, Anna van der Vleuten, 6e druk, uitgeverij Coutinho

ISBN: 9789046908570

 

Verplicht studiemateriaal
 

Bijkomende teksten en studiemateriaal worden via het leerplatform bekend gemaakt.

 

Opmerkingen
 

Dit vak zit in een overgangscurriculum. Neem contact op met de studieloopbaanbegeleider indien je dit vak wil opnemen. Vakplanning en bijkomend studiemateriaal volgen de planning van het vak Internationale en Europese Politiek (9746).



Organisatie- / Werkvormen
Organisatievormen  
Casussessie  
Hoorcollege  
Werkvormen  
Casestudy  
Discussies /debat  
Oefeningen  


Evaluatie

Semester 1 (3,00sp)

Evaluatievorm
Mondeling examen100 %
Open vragen
Extra info

 

 


Tweede examenkans

Evaluatievorm tweede examenkans verschillend van eerste examenkans
Neen


Eindcompetenties
  EC = eindcompetenties      DC = deelcompetenties      BC = beoordelingscriteria  
bachelor in de sociale wetenschappen
  •  EC 
  • EC 01: De afgestudeerde bachelor in de sociale wetenschappen heeft kennis van de belangrijkste theoretische stromingen, basisbegrippen, onderzoekstradities en historische ontwikkelingen binnen het domein van de sociale wetenschappen en kan deze duiden vanuit een sociaal-wetenschappelijk multidisciplinair perspectief.

     
  •  DC 
  • De student heeft kennis en inzicht verworven in de Europese integratietheorieën, en in de problematiek van de definities en conceptualisering van de Europese Unie als politiek systeem.
      
  •  BC 
  • De student kan de verschillende EU integratietheorieën en de verschillende conceptualiseringen van de EU als politiek systeem (bv. staat, internationale organisatie, (con)federatie, sui generis organisatie) uitleggen, vergelijken en toepassen.
  •  EC 
  • EC 02: De afgestudeerde bachelor in de sociale wetenschappen heeft inzicht in de onderlinge relatie van de belangrijkste theoretische stromingen, basisbegrippen, onderzoekstradities en historische ontwikkelingen binnen en tussen de vakgebieden van sociologie, bestuurkunde en communicatiewetenschappen, alsook in verhouding tot vakgebieden binnen en buiten de sociale wetenschappen (interdisciplinariteit).

     
  •  DC 
  • De student heeft de analytische capaciteit om Europa en de Europese Unie te onderscheiden als historische entititeit, als geografische entiteit en als politieke entiteit, en kan de Europese integratie en Europese besluitvorming in een globale context kaderen.
      
  •  BC 
  • De student kent de belangrijkste momenten uit en verklaringen voor de Europese integratiegeschiedenis, heeft inzicht in de versc heidene sociologische en economische samenstelling van Europa, en kan de EU in vergelijkend perspectief plaatsen met andere same nwerkingsverbanden (binnen en naast de Europese Unie).
  •  EC 
  • EC 03: De afgestudeerde bachelor in de sociale wetenschappen heeft kennis van maatschappelijke structuren, processen, vraagstukken en technologieën, die vorm geven aan de rol en het functioneren van publieke en private organisaties, beleidsnetwerken, media en sociale bewegingen.

     
  •  DC 
  • De student heeft kennis verworven over de samenstelling en organisatie van de belangrijkste EU-instellingen, de relevante actoren van de Europese besluitvorming, en de Europese beleidsdomeinen.
      
  •  BC 
  • De student kent de samenstelling en interne organisatie van de belangrijkste EU-instellingen en welke rol deze spelen in de Europese besluitvorming. De student heeft inzicht in (de implicaties van) de verschillende Europese besluitvormingsmethodes.
  •  EC 
  • EC 04: De afgestudeerde bachelor in de sociale wetenschappen heeft kennis van en inzicht in basisbegrippen, onderzoekstradities en theoretische stromingen omtrent ‘grand challenges’, in het bijzonder op vlak van digitalisering, diversiteit en/of democratie op lokaal, regionaal, nationaal, Europees en globaal niveau.

     
  •  DC 
  • De student heeft inzicht verworven in de uitdagingen op het vlak van diversiteit en democratie voor de Europese Unie als politiek systeem.
      
  •  BC 
  • De student begrijpt de verschillende aspecten concept van 'democratisch deficit' van de Europese Unie en kan dit in verband brengen met de verschillende Europese besluitvormingsmethodes en de rol van de verschillende EU instellingen.
  •  EC 
  • EC 06: De afgestudeerde bachelor in de sociale wetenschappen kan relevante bronnen en literatuur omtrent een welbepaald soc iaalwetenschappelijke vraagstuk identificeren, verzamelen en kritisch verwerken in een theoretisch conceptueel kader.

     
  •  DC 
  • De student is in staat om primaire en secundaire bronnen over het Europese integratieproces en de Europese besluitvorming te verzamelen en kritisch te analyseren.
      
  •  BC 
  • De student gebruikt relevante primaire en secundaire bronnen over de EU en kan deze op een analytische en kritische manier verwerken.
  •  EC 
  • EC 08: De afgestudeerde bachelor in de sociale wetenschappen kan mondeling, schriftelijk en visueel rapporteren over wetenschappelijk onderzoek op een onderbouwde, coherente en overtuigende wijze.

     
  •  DC 
  • De student is in staat om informatie over Europa en de Europese Unie samen te brengen, te verwerken en hierover te reflecteren in mondelinge en schriftelijke opdrachten.
      
  •  BC 
  • De student gebruikt relevante primaire en secundaire bronnen over de EU en kan deze op een analytische en kritische manier verwerken.
  •  EC 
  • EC 11: De afgestudeerde bachelor in de sociale wetenschappen kan wetenschappelijke informatie op een effectieve manier delen en samen met anderen naar een resultaat toewerken. Daarvoor beschikt zij/hij over de vaardigheden om op een correcte, gestructureerde, toegankelijke en overtuigende manier te communiceren. Zij/hij is ook in staat om vlot en constructief met anderen samen te werken in een multidisciplinair en divers team.

     
  •  DC 
  • De student is in staat om zich correct en duidelijk uit te drukken en de concepten en theorieën die eigen zijn aan de studie van Europese integratie en Europese besluitvorming correct toe te passen in samenwerking met anderen.
      
  •  BC 
  • De student toont voldoende inzet in de samenwerking met anderen. De student werkt constructief en oplossingsgericht samen met anderen.
  •  EC 
  • EC 14: De afgestudeerde bachelor in de sociale wetenschappen is zich bewust van haar/zijn rol als sociale wetenschapper en eigen positie binnen een meerlagige, diverse samenleving.

     
  •  DC 
  • De student is in staat om een kritische houding te hanteren ten aanzien van wetenschappelijke en niet-wetenschappelijke analyses van de Europese besluitvorming, en heeft inzicht in het onderscheid en de spanning tussen de theorie en praktijk van het Europese integratieproces en de Europese besluitvorming.
      
  •  BC 
  • De student kan met de nodige zelfreflectie en kritische houding de leerstof en eigen bronnenmateriaal benaderen. De student kan zelfstandig gepaste primaire en secundaire bronnen opzoeken, kritisch analyseren en verwerken.
 

Plaats in het onderwijsaanbodTolerantie3
2de bachelorjaar in de sociale wetenschappen J
exchange sociale wetenschappen J



1   Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 12.2, lid 2.
2   Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 15.1, lid 3.
3   Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 16.9, lid 2.