Ondernemingsrecht, met inbegrip van het vennootschapsrecht (5269) |
| Studiepunten: 8,0 | | Studiebelastingsuren: 216 | Periode: kwartiel 4 (8sp)  |
| Onderwijstaal: Nederlands |
|
|
Verplichte volgtijdelijkheid op niveau van de opleidingsonderdelen
|
| |
| |
| |
Volgende opleidingsonderdelen dient u ook opgenomen te hebben in uw studieprogramma in een voorgaande onderwijsperiode.
|
| |
|
Beginselen van het recht (1874)
|
8.0 stptn | |
| |
|
Verbintenissenrecht (1875)
|
10.0 stptn | |
| |
|
|
|
- De student kan de regels vinden, begrijpen en toepassen inzake:
- de geldigheidsvoorwaarden van rechtshandelingen;
- het sluiten en ontbinden van overeenkomsten;
- lastgeving;
- koop-verkoop;
- de Pauliaanse vordering;
- hoofdelijkheid en in solidum-aansprakelijkheid;
- onrechtmatige daad;
- voorrechten en zekerheden.
- De student kent de verschillende types EU-wetgeving en begrijpt de verschillen ertussen.
- De student begrijpt de basisindeling van een balans.
|
|
|
|
|
Het blok Ondernemingsrecht geeft een inleiding tot een vakgebied dat men het recht van het zakenleven kan noemen. De cursus is opgebouwd aan de hand van het leven van de onderneming. De doelstelling van deze cursus bestaat erin de studenten kennis te laten maken met de verschillende rechtsregels die van belang zijn voor onderneming, zoals: vennootschapsrecht, faillissementsrecht, ondernemingscontractenrecht, intellectuele eigendom, consumentenrecht, financieel recht, etc. Daarbij wordt beoogd de basisconcepten en -structuren van het vakgebied toe te lichten en de verbanden tussen verschillende deelgebieden van het domein bloot te leggen.Op het einde van de cursus kunnen de studenten casussen oplossen door de regels van het ondernemingsrecht toe te passen en regels van de verschillende deelgebieden te combineren. Deel I. Oorsprong van het ondernemingsrecht - ondernemingsbegrippen en gevolgen - bewijs in ondernemingszaken - onderneming, handelszaak en vennootschap Deel II. De interne werking van de onderneming Basisbegrippen vennootschapsrecht - oprichting en vennootschapsvormen - bestuur en vertegenwoordiging Deel III. De financiering van de onderneming Kapitaal en effecten van een vennootschappelijke onderneming - financiële regulering - kredieten - betalingsverkeer Deel IV. De externe relaties van de onderneming Handelstussenpersonen en distributie - eerlijke handelspraktijken en consumentenbescherming - intellectuele eigendom Deel V. Het einde van de onderneming Ontbinding en vereffening van de vennootschap - Continuïteit van de onderneming - faillissement - overdracht van de onderneming
|
|
| Verplichte handboeken (boekhandel) |
| |
Handboek 1:
Ondernemingsrecht, Veerle Colaert, Sofie Cools, Frank Hellemans, Bert Keirsbilck, Evelyne Terryn, Joeri Vananroye, Acco
ISBN: 9789033401060 |
|
 
|
| Eerder aangekochte verplichte handboeken |
| |
VRG Codex,Recentste editie,Wolters Kluwer |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Hoorcollege ✔
|
|
|
|
Onderwijsgroep ✔
|
|
|
|
Kwartiel 4 (8,00sp)
|
| Extra info | Het examen is schriftelijk, met gesloten boek, en bestaat uit meerkeuzevragen, met giscorrectie, en casussen. De docent bepaalt in overleg met het Onderwijsmanagementteam en de studentenadministratie de planning en de examenvorm voor een eventueel inhaalexamen. De examenvorm kan afwijken van de examenvorm die werd gebruikt tijdens de reguliere examenperiode. De planning en examenvorm worden aan de student meegedeeld nadat de aanvraag van een inhaalexamen is goedgekeurd. |
|
Tweede examenkans
| Evaluatievorm tweede examenkans verschillend van eerste examenkans | |
|
| Toelichting evaluatievorm | Het tweedekansexamen heeft dezelfde vorm als het eerstekansexamen. Afhankelijk van het aantal deelnemers kan de examenvorm bij de tweede kans gewijzigd worden. |
|
|
|
|
Eindcompetenties | EC = eindcompetenties DC = deelcompetenties BC = beoordelingscriteria |
bachelor in de rechten
|
- EC
| EC01 - De bachelor in de rechten heeft juridische (basis)kennis van en inzicht in de leerstukken en systematiek van de belangrijkste rechtsgebieden behorende tot het nationale, internationale en supranationale recht gekoppeld aan de recente ontwikkelingen en aan het wetenschappelijk onderzoek in het vakgebied en met aandacht voor de maatschappelijke realiteit. (wetenschappelijk-disciplinaire kennis) | | | - DC
| De student begrijpt de basisstructuur en basisconcepten van het financieel recht. | | | - DC
| De student kan de basisconcepten van het intellectuele eigendomsrecht en de gegevensbescherming toelichten en toepassen. | | | - DC
| De student kan de verschillende juridische tussenpersonen onderscheiden en het regelgevend kader toepassen. | | | - DC
| De student kan de verschillende organen van een vennootschap onderscheiden en hun functies toelichten. | | | - DC
| De student kan de verschillende vennootschapsvormen onderscheiden (maatschap, Comm V, VOF, BV, NV) en hun kenmerken toelichten (incl. kapitaal, aandelenstructuur en overdrachtsbeperkingen). | | | - DC
| De student kan het ondernemingsbewijsrecht en het burgerlijk bewijsrecht onderscheiden en toepassen. | | | - DC
| De student kan kernbegrippen van het insolventierecht definiëren en toepassen. | | | - DC
| De student kan kernbegrippen van het ondernemingsrecht defini ëren, situeren en toepassen (bv. onderneming, rechtspersoonlijkheid, vennootschap). | | | - DC
| De student kan oneerlijke handelspraktijken en onrechtmatige bedingen identificeren en de basisconcepten van het consumentenrecht, consumentenkredietrecht en betalingsdiensten toelichten en toepassen. | - EC
| EC02 - De bachelor in de rechten heeft (basis)kennis van metajuridische wetenschappen, waaronder historische, filosofische, sociale en politieke aspecten van het recht, economische beginselen, en redeneerkunst. (wetenschappelijk-disciplinaire kennis) | | | - DC
| De student kan een eenvoudige balans van een onderneming lezen om aan de hand daarvan casussen over het kapitaal en/of overdrachtsbeperkingen in een vennootschap op te lossen. | - EC
| EC06 - De bachelor in de rechten kan wetgeving, rechtspraak, rechtsleer, en andere juridische teksten en bronnenmateriaal verzamelen, selecteren, analyseren en kritisch verwerken. (algemeen wetenschappelijke onderzoekscompetentie) | | | - DC
| De student begrijpt de impact van de rechtspraak van het Europees Hof van Justitie op het Belgische ondernemingsrecht. | | | - DC
| De student kan wettelijke bepalingen (bv. WER, WVV…) opzoeken en correct toepassen op casussen en juridische argumenten structureren op basis van bronnen (verwijzingen naar wettelijke bepalingen, rechtspraak…). | - EC
| EC07 - De bachelor in de rechten kan in toenemende mate van zelfstandigheid omgaan met verschillende (digitale) bronnen van het juridische vakgebied, zowel Nederlandstalige, Engelstalige als Franstalige bronnen. (algemeen wetenschappelijke onderzoekscompetentie) | | | - DC
| De student kan de niet in het hoorcollege/de onderwijsgroep behandelde leerstof uit het handboek zelfstandig verwerken en relevante wettelijke bepalingen opzoeken (bv. het leerstuk over handelstussenpersonen en distributieovereenkomsten). | - EC
| EC09 - De bachelor in de rechten kan een eenvoudig juridisch probleem onderkennen, benaderen vanuit het betrokken rechtsgebied, en de bijhorende elementen en relevante rechtsregels detecteren. De bachelor in de rechten kan een casus op bachelorniveau oplossen door het toepassen van oplossingsstrategieën, onder andere vanuit een rechtsvergelijkende benadering. (algemene competentie) | | | - DC
| De student kan in casusbeschrijvingen de relevante juridische problemen herkennen, inzichten uit verschillende leerstukken toepassen en een gestructureerde oplossing formuleren op basis van die inzichten (bv. aansprakelijkheid, bewijs en faillissement; bestuurdersaansprakelijkheid en kapitaalverhoging; consumentenrecht, intellectuele eigendomsrechten en handelspraktijken). | - EC
| EC12 - De bachelor in de rechten kan op zelfstandige en heldere wijze mondeling en schriftelijk adequaat communiceren over juridische informatie, ideeën, argumenten, problemen en oplossingen. De bachelor in de rechten maakt hierbij desgevallend gebruik van de meest adequate gespreks- of presentatietechnieken. (algemene competentie) | | | - DC
| De student kan een schriftelijk antwoord formuleren op een casusvraag, die logisch gestructureerd is, waarbij er gebruik wordt gemaakt van de correcte juridische terminologie en er verwezen wordt naar de nodige juridische bronnen. | | | - DC
| De student kan op gestructureerde wijze zijn/haar antwoord op een casus mondeling toelichten tijdens de onderwijsgroepen. | - EC
| EC13 - De bachelor in de rechten onderkent ethische en sociaal-maatschappelijke aspecten in een juridische context. De bachelor in de rechten kan deze aspecten mee in rekening brengen bij het richting geven aan de oordeelsvorming. (algemene competentie) | | | - DC
| De student begrijpt de verschillende (maatschappelijke en economische) belangen van schuldeisers, ondernemingen en aandeelhouders in het vennootschapsrecht en binnen het kader van een insolventie/herstructurering en kan de doelstellingen van beide rechtsdomeinen toelichten. | | | - DC
| De student herkent de verschillende spanningen binnen het ruime ondernemingsrecht (bv. met betrekking tot innovatie en de vrijheid van ondernemen; consumenten – professionele verkoper), en kan dit plaatsen binnen de relevante leerstukken (bv. intellectuele eigendomsrecht; consumentenrecht). | - EC
| EC14 - De bachelor in de rechten toont een kritische attitude en is in staat het recht en juridische standpunten naar waarde te schatten, in vraag te stellen, en hierover te reflecteren. De bachelor in de rechten kan een argumentatie opbouwen en verdedigen. (algemene competentie) | | | - DC
| De student denkt tijdens de onderwijsgroepen kritisch na over voorgestelde antwoorden en oplossingen en kan onderbouwde argumenten formuleren voor of tegen bepaalde oplossingen of standpunten. | - EC
| EC15 - De bachelor in de rechten kan op een actieve en constructieve manier bijdragen aan een gemeenschappelijke doelstelling, en dit al dan niet in teamverband (formeel of informeel). (algemene competentie) | | | - DC
| De student werkt tijdens de onderwijsgroepen op een proactieve manier mee, draagt op een constructieve manier bij tot de formulering van een antwoord en kan op een respectvolle manier omgaan met het geven of ontvangen van feedback. |
|
|
|
master in de rechten
|
- EC
| EC02 - De master in de rechten heeft een gespecialiseerde wetenschappelijk disciplinaire kennis van en inzicht in de leerstukken en in de systematiek(en) van de rechtsgebieden behorende tot de keuzevakken van de masteropleiding, mede vanuit Europees en rechtsvergelijkend perspectief. De master in de rechten kan deze kennis, inzichten en systematiek(en) toepassen, mede vanuit Europees en rechtsvergelijkend perspectief. (wetenschappelijk-disciplinaire kennis) | - EC
| EC06 - De master in de rechten kan kritisch en op zelfstandige wijze verschillende (digitale) bronnen van het juridische vakgebied opzoeken, raadplegen en selecteren, zowel Nederlandstalige, Engelstalige als Franstalige bronnen. (algemeen wetenschappelijke onderzoekscompetentie) | - EC
| EC07 - De master in de rechten kan wetgevingen, rechtspraak, rechtsleer en andere juridische teksten analyseren, interpreteren en verantwoord aanwenden. (algemeen wetenschappelijke onderzoekscompetentie) | - EC
| EC09 - De master in de rechten is in staat om de verschillende elementen en de relevante rechtsregels in een complexe probleemstelling te detecteren en één of meerdere adequate oplossingsstrategieën te selecteren, de gemaakte keuze te verantwoorden, en de gekozen oplossingstrategie(ën) toe te passen. (algemene competentie) | - EC
| EC11 - De master in de rechten is in staat om eigen ideeën, standpunten en oplossingen zowel schriftelijk als mondeling op een adequate manier te communiceren en te presenteren in diverse contexten en daarbij gebruik te maken van de Nederlandse, Engelse en Franse (rechts)taal. (algemene competentie) | - EC
| EC13 - De master in de rechten onderkent ethische en sociaal-maatschappelijke aspecten in een juridische context, kan er kritisch over reflecteren en kan op basis van ethische aspecten, met inachtneming van de eigen verantwoordelijkheden als jurist, richting geven aan een eigen oordeelsvorming. (algemene competentie) | - EC
| EC15 - De master in de rechten toont een kritische attitude, en is in staat het recht en de verschillende juridische standpunten in kaart te brengen, kritisch te benaderen en zo te komen tot een eigen juridisch onderbouwd oordeel. (algemene competentie) | - EC
| EC16 - De master in de rechten kan in teamverband, op een actieve en constructieve manier, bijdragen aan een gemeenschappelijke doelstelling in een multidisciplinaire context. (algemene competentie) |
|
|
|
|
| Plaats in het onderwijsaanbod | Tolerantie3 |
|
3de bachelorjaar in de rechten
|
J
|
|
exchange rechten Erasmus Belgica
|
J
|
|
master in de rechten (equivalentieprogramma)
|
J
|
|
Optie Erasmus Belgica 2+2+1 V
|
J
|
|
schakelprogramma master in de rechten
|
J
|
|
|
1 Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 12.2, lid 2. |
| 2 Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 15.1, lid 3. |
3 Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 16.9, lid 2.
|
|
|