De elektronische studiegids voor het academiejaar 2026 - 2027 is onder voorbehoud.





Vakdidactische expertise: casuïstiek (9032)

Coördinerend verantwoordelijke:Prof. dr. Wim TOPS 
Lid van het onderwijsteam:Mevrouw Katrien DEGRIE 


Studiepunten: 5,0
Studiebelastingsuren: 135
Periode: semester 1 (5sp)

Onderwijstaal: Nederlands
Examencontract: niet mogelijk

2de Examenkans1: Ja
Eindcijfer2: Numeriek
Tolerantie3: Zie plaats in het onderwijsaanbod

Volgtijdelijkheid
Geen volgtijdelijkheid


Begincompetenties

Er wordt verwacht dat de studenten de volgende eindcompetenties van de educatieve bachelor kleuter- of lager onderwijs beheersen:

  • De studenten hebben inzicht in de brede ontwikkeling van de kleuter of het lagere schoolkind. Zij beschikken over de didactische expertise van Nederlands en wiskunde.  

  • De studenten kunnen een praktijkprobleem op systematische wijze onderzoeken en kritisch reflecteren over hun eigen functioneren, maatschappelijke ontwikkelingen, relevante theoretische denkkaders en inzichten uit onderwijsonderzoek met het oog op het verbeteren van het leerproces van hun kinderen. Ze detecteren professionaliseringsnoden en tonen een bereidheid tot levenslang leren.

  • De studenten tonen gepaste beroepshoudingen als beslissingsvermogen, relationele gerichtheid, kritische ingesteldheid, leergierigheid, organisatievermogen, zin voor samenwerking, verantwoordelijkheidszin en flexibiliteit.

 



Inhoud

In dit opleidingsonderdeel werken studenten via casusgericht leren aan een complexe praktijkvraag. In kleine groepen (3 à 4 studenten) gaan zij aan de slag met een realistische, authentieke casus waarin een relevant en uitdagend vraagstuk over vakdidactiek Nederlands en/of wiskunde binnen het basisonderwijs centraal staat. Aan de hand van een literatuurstudie en casusanalyse formuleren de studenten onderbouwde en passende aanbevelingen voor de onderwijspraktijk.

Tijdens de contactmomenten worden studenten ondersteund via practica en praktijkgerichte opdrachten. Deze momenten bieden ruimte om theorie aan de casus te koppelen en stimuleren reflectie op de eigen professionele rol. Buiten de contactmomenten werken de studenten actief verder aan de casus. Ze bouwen stap voor stap aan een eindproduct, dat ze aan het einde van het traject presenteren.



Aanbevolen literatuur
 

Het boek 'Kennisrijk kansrijk' wordt aanbevolen maar is niet verplicht. De Engelstalige versie van dit boek is vrij beschikbaar.

Surma, T., Vanhees, C., Wils, M., Nijlunsing, J., Crato, N., Hattie, J., Muijs, D., Rata, E., Wiliam, D., & Kirschner, P. A. (2025). Kennisrijk kansrijk. Naar een onderwijscurriculum voor diepe denkers. Leuven, België: Lannoo Campus.

 

Aanbevolen studiemateriaal
 

Digitaal cursusmateriaal (studieleidraad, casusbeschrijving, documentatie van de school, opdracht, handouts van practica, evaluatierubric), beschikbaar via Blackboard



Organisatie- / Werkvormen
Organisatievormen  
Casussessie  
Werkzittingen  
Zelfstudieopdracht (ZSO)  
Werkvormen  
Casestudy  
Groepswerk  


Evaluatie

Semester 1 (5,00sp)

Evaluatievorm
Ander examen100 %
Andere:- Groepsscore met individuele correctie op basis van peer assessment en
individuele reflectieopdracht (voor meer details, zie studieleidraad)
- Op te leveren producten:
o Groepswerk: mondelinge wetenschappelijke uiteenzetting met
schriftelijke voorbereiding (paper)
o Peer assessment opdracht, waarin studenten elkaar beoordelen op de
samenwerking binnen en bijdragen aan het groepswerk
o Individuele reflectieopdracht, waarin studenten reflecteren over de
groepsdynamiek
Gebruik studiemateriaal tijdens evaluatie
ToelichtingDe studenten mogen alle studiematerialen (al dan niet geannoteerd) meebrengen en raadplegen tijdens de evaluatie.
Evaluatievoorwaarden (deelname en/of slagen)
Voorwaarden

Tijdige inlevering van een individuele reflectieopdracht is verplicht. 

Gevolg

Het niet voldoen aan deze evaluatievoorwaarden resulteert in een onvoldoende voor dit opleidingsonderdeel.

Extra info

 




Tweede examenkans

Evaluatievorm tweede examenkans verschillend van eerste examenkans
Neen
Toelichting evaluatievorm De invulling (opdracht, individueel of groepswerk, nieuwe of gekende
casus, …) van de tweede examenkans voor dit opleidingsonderdeel wordt
door de docent bepaald.

Evaluatie tijdens de herkansingsperiode: 100% zelfstandig werk. De
studenten gaan individueel aan de slag met een nieuwe, soortgelijke
casus als in de 1e onderwijsperiode. De studenten schrijven een
individuele reflectieopdracht waarin ze stilstaan bij hun
leerervaringen. De studenten presenteren (tijdens de examenperiode) hun
eindproduct, dat summatief geëvalueerd wordt door hun docent.
Dit resulteert in de volgende evaluatievoorwaarde: Tijdige inlevering
van een individuele reflectieopdracht is verplicht.


Eindcompetenties
  EC = eindcompetenties      DC = deelcompetenties      BC = beoordelingscriteria  
Master in het basisonderwijs
  •  EC 
  • EC 12: De master in het basisonderwijs voert zelfstandig praktijkgericht wetenschappelijk onderzoek uit op methodologisch, deontologisch en ethisch correcte werkwijze en rapporteert transparant over het proces en de bevindingen.

  •  EC 
  • EC 2: De master in het basisonderwijs analyseert en evalueert kritisch pedagogisch-(vak)didactische keuzes op klas- en schoolniveau, op basis van wetenschappelijke inzichten en in relatie tot de onderwijscontext en de geldende beleidskaders.

  •  EC 
  • EC 3: De master in het basisonderwijs ontwikkelt en implementeert onderbouwde, innovatieve voorstellen ter versterking van de pedagogische en (vak)didactische praktijk en het beleid.

  •  EC 
  • EC 4: De master in het basisonderwijs stelt zelfstandig, en in overleg met relevante actoren in en rond de school, een plan van aanpak op voor meervoudige complexe leer- en ontwikkelvraagstukken bij leerlingen.

 

Plaats in het onderwijsaanbodTolerantie3
Master in het basisonderwijs vakdidactische expertise verplicht J



1   Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 12.2, lid 2.
2   Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 15.1, lid 3.
3   Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 16.9, lid 2.