De elektronische studiegids voor het academiejaar 2026 - 2027 is onder voorbehoud.





Arbeidsrecht en sociale zekerheidsrecht (9682)

Coördinerend verantwoordelijke:Prof. dr. Johan PEETERS 
Lid van het onderwijsteam:Mevrouw An VANGOMPEL 
 De heer Bert CROIMANS 
 De heer Maxim RUYSSCHAERT 


Studiepunten: 8,0
Studiebelastingsuren: 216
Periode: kwartiel 4 (8sp)

Onderwijstaal: Nederlands

2de Examenkans1: Ja
Eindcijfer2: Numeriek
Tolerantie3: Zie plaats in het onderwijsaanbod

Volgtijdelijkheid
Verplichte volgtijdelijkheid op niveau van de opleidingsonderdelen
 
 
  Volgende opleidingsonderdelen dient u ook opgenomen te hebben in uw studieprogramma in een voorgaande onderwijsperiode.
    Beginselen van het recht (1874) 8.0 stptn  
    Verbintenissenrecht (1875) 10.0 stptn  
 


Begincompetenties
  1. De student heeft een begin gemaakt met Probleem Gestuurd Onderwijs, of Opdracht Gestuurd Onderwijs. De student heeft de vaardigheid om juridische teksten, zowel in het Nederlands als in het Frans, te lezen, te begrijpen en daar vragen bij te stellen. De student is in staat om en bereid tot het voeren van een gesprek met mede-studenten en de docent over de thema's van het opleidingsonderdeel.
  2. De student kent en begrijpt de elementaire basisstructuur van de Belgische federale staat, en van de Europese Unie. Hij is vertrouwd met de aard van de rechtsnormen, en de juridische draagwijdte daarvan, die worden uitgevaardigd door de Belgische en de Europese wetgever.
  3. De student kan vonnissen en arresten, uitgesproken in het Nederlands, het Frans of het Engels door Belgische of Europese rechtsolleges, begrijpen en op correcte wijze ontleden in: (1) de belangrijkste feitelijke elementen; (2) de relevante rechtsvragen; (3) de toepasselijke rechtsregels; (4) de argumenten van de verschillende partijen; en (5) de juridische beoordeling door het rechtscollege. De student is in staat om deze onderdelen met eigen woorden in het Nederlands samen te vatten.
  4. De student kent en begrijpt de juridische basisbegrippen van het algemeen verbintenissenrecht en van het Europees recht. Hij is in staat juridische vraagstukken uit het algemeen verbintenissenrecht en het Europees recht correct te analyseren en toe te lichten, om ze vervolgens toe te passen op rechtsvragen in een arbeids- of socialezekerheidsrechtelijke casus. Voorkennis van het algemeen verbintenissenrecht en van het Europees recht is met andere woorden noodzakelijk om de eindcompetenties van het opleidingsonderdeel te kunnen bereiken.


Inhoud

Het blok Arbeids- en sociale zekerheidsrecht beoogt het verwerven van basiskennis in de materie die de student in staat moet stellen eenvoudige problemen onmiddellijk op te lossen. Verder beoogt het blok de student vertrouwd te maken met de bronnen van het arbeids- en socialezekerheidsrecht en de algemene beginselen, zodat de student ook complexere problemen in de materie kan oplossen, na terugvinden en studie van relevante wetgeving, rechtspraak en rechtsleer. Het vak is ingedeeld in twee onderdelen, namelijk arbeidsrecht en socialezekerheidsrecht.

In het deel arbeidsrecht worden onder meer volgende onderwerpen besproken: begrip en toepassingsgebied van het arbeidsrecht, de bronnen van het arbeidsrecht, de arbeidsovereenkomst (aard en soorten, het sluiten van een arbeidsovereenkomst, geldigheidsvereisten, bijzondere bedingen), rechten en plichten van partijen bij de arbeidsovereenkomst, arbeidsreglementering, welzijn op het werk, discriminatie en gelijke behandeling, vrij verkeer van werknemers, schorsing van de arbeidsovereenkomst (vakantie, overmacht, thematische verloven), beëindiging van de arbeidsovereenkomst, herstructurering. Tenslotte wordt er ook aandacht besteed aan de overlegstructuren (vrijheid van vereniging, collectieve arbeidsconflicten, werknemersinspraak).

In het deel sociale zekerheidsrecht worden onder meer volgende thema's behandeld: het begrip sociale zekerheid, de bronnen van het sociale zekerheidsrecht, de administratie en de financiering van de sociale zekerheid, de sociale risico's (ouderdom, overlijden, arbeidsongeschiktheid, werkloosheid, gezinslasten, gezondheidszorg, zorg, behoeftigheid) en de sociale prestaties.

Tenslotte wordt er ook aandacht besteed aan de rechtsbescherming(arbeidsrechtbanken en -hoven, sociale inspectie).

In beide delen (arbeidsrecht en sociale zekerheidsrecht) is er telkens ruimte voor een kritische beoordeling en oog voor maatschappelijke evoluties en het juridisch antwoord daarop. Voor zover nodig wordt ook aandacht besteed aan de relevante Europese regelgeving.

  • Begrip en toepassingsgebied van het arbeidsrecht
  • Bronnen van het arbeidsrecht
  • Arbeidsovereenkomst (aard en soorten; het sluiten ervan; geldigheidsvereisten; bijzondere bedingen; discriminatie en gelijke behandeling; schorsing; beëindiging van de arbeidsovereenkomst)
  • Herstructureringen
  • Arbeidsreglementering
  • Rechten en plichten van werkgever en werknemer
  • Welzijn op het werk
  • Overlegstructuren (vrijheid van vereniging; collectieve arbeidsconflicten; staking; lock-out; werknemersinspraak; vakbondsafvaardiging; ondernemingsraad; sociale verkiezingen)
  • Begrip sociale zekerheid
  • Bronnen van het sociale zekerheidsrecht
  • Administratie van de sociale zekerheid
  • Financiering van de sociale zekerheid
  • Sociale risico's (ouderdom; overlijden; arbeidsongeschiktheid; werkloosheid; gezinslasten; gezondheidszorg; zorg; behoeftigheid)
  • Sociale prestaties
  • Rechtsbescherming
  • Arbeidsinspectie


Verplichte handboeken (boekhandel)
 

Handboek 1:

Synopsis van het Belgische sociaal recht, P. Humblet, W. Rauws, J. Peeters, R. Janvier; I. De Wilde (red.), meest recente editie, Intersentia, Antwerpen, Bestaat uit 3 delen: individueel arbeidsrecht, collectief arbeidsrecht en socialezekerheidsrecht

ISBN: 9789400015937

Handboek 2:

Basiswetboek Sociaal Recht, F. Louckx, J. Peeters, E. Timbermont, K. Van den Langenbergh, G. Van Limberghen, V. Vervliet, meest recente editie, Kluwer

ISBN: 9789403038780 



Organisatie- / Werkvormen
Organisatievormen  
Hoorcollege  
Onderwijsgroep  
Werkvormen  
Casestudy  
Discussies /debat  
Oefeningen  


Evaluatie

Kwartiel 4 (8,00sp)

Evaluatievorm
Schriftelijk examen100 %
Gesloten-boek
Gebruik studiemateriaal tijdens evaluatie
ToelichtingEen niet-geannoteerd wetboek mag gebruikt worden op het examen.
Extra info

De docent bepaalt in overleg met het Onderwijsmanagementteam en de studentenadministratie de planning en de examenvorm voor een eventueel inhaalexamen. De examenvorm kan afwijken van de examenvorm die werd gebruikt tijdens de reguliere examenperiode. De planning en examenvorm worden aan de student meegedeeld nadat de aanvraag van een inhaalexamen is goedgekeurd.


Tweede examenkans

Evaluatievorm tweede examenkans verschillend van eerste examenkans
Neen
Toelichting evaluatievorm Er is in principe een schriftelijk gesloten-boek examen. Afhankelijk van
het aantal deelnemers kan de evaluatievorm bij de tweede kans gewijzigd
worden (mondeling met open vragen, casus of meerkeuzevragen).


Eindcompetenties
  EC = eindcompetenties      DC = deelcompetenties      BC = beoordelingscriteria  
bachelor in de rechten
  •  EC 
  • EC01 - De bachelor in de rechten heeft juridische (basis)kennis van en inzicht in de leerstukken en systematiek van de belangrijkste rechtsgebieden behorende tot het nationale, internationale en supranationale recht gekoppeld aan de recente ontwikkelingen en aan het wetenschappelijk onderzoek in het vakgebied en met aandacht voor de maatschappelijke realiteit. (wetenschappelijk-disciplinaire kennis)

     
  •  DC 
  • De student kan een arbeids- of socialezekerheidsrechtelijk probleem analyseren en dit vanuit maatschappelijk perspectief verklaren, onder meer op basis van recente wetenschappelijke literatuur en onderzoek dat in het vakgebied wordt gedaan.

  •  EC 
  • EC04 - De bachelor in de rechten heeft inzicht in de voortdurende interactie tussen nationaal, supranationaal en internationaal recht. (wetenschappelijk-disciplinaire kennis)

     
  •  DC 
  • De student kan de verschillen in de nationale, supranationale en internationale dimensie van de behandelde arbeids- en socialezekerheidsrechtelijke thema's duiden en de interacties tussen deze dimensies weergeven.

  •  EC 
  • EC05 - De bachelor in de rechten kan een nationaal rechtsgebied benaderen vanuit een Europees, internationaal en rechtsvergelijkend perspectief. (wetenschappelijk-disciplinaire kennis)

     
  •  DC 
  • De student kan casussen die betrekking hebben op verschillende thema 's die behoren tot het arbeids- en socialezekerheidsrecht oplossen en is in staat verbanden te leggen met de Europese en internationale inbedding van het sociaal recht.

  •  EC 
  • EC06 - De bachelor in de rechten kan wetgeving, rechtspraak, rechtsleer, en andere juridische teksten en bronnenmateriaal verzamelen, selecteren, analyseren en kritisch verwerken. (algemeen wetenschappelijke onderzoekscompetentie)

     
  •  DC 
  • De student kan de nodige wetgeving, rechtspraak en rechtsleer analyseren, interpreteren en verantwoord aanwenden met het oog op de voorbereiding van complexe/waarheidsgetrouwe probleemstellingen (casussen).

  •  EC 
  • EC07 - De bachelor in de rechten kan in toenemende mate van zelfstandigheid omgaan met verschillende (digitale) bronnen van het juridische vakgebied, zowel Nederlandstalige, Engelstalige als Franstalige bronnen. (algemeen wetenschappelijke onderzoekscompetentie)

     
  •  DC 
  • De student kan het nodige bronnenmateriaal in het Nederlands, Frans en/of Engels verzamelen, analyseren en verwerken met het oog op de voorbereiding van en deelname aan de hoorcolleges en PGO-taken in de onderwijsbijeenkomsten.

  •  EC 
  • EC09 - De bachelor in de rechten kan een eenvoudig juridisch probleem onderkennen, benaderen vanuit het betrokken rechtsgebied, en de bijhorende elementen en relevante rechtsregels detecteren. De bachelor in de rechten kan een casus op bachelorniveau oplossen door het toepassen van oplossingsstrategieën, onder andere vanuit een rechtsvergelijkende benadering. (algemene competentie)

     
  •  DC 
  • De student kan casussen die betrekking hebben op verschillende thema 's die behoren tot het arbeids- en socialezekerheidsrecht oplossen. De student is in staat verbanden te leggen tussen de verschillende thema ’s en met andere rechtstakken, zoals onder meer doch niet uitsluitend het burgerlijk, het gerechtelijk en het Europees recht.

  •  EC 
  • EC11 - De bachelor in de rechten kan de Nederlandse, Engelse en Franse (rechts)taal adequaat gebruiken in een juridische context. (algemene competentie)

     
  •  DC 
  • De student kan zowel schriftelijk als mondeling eigen ideeën, standpunten en oplossingen in diverse contexten communiceren zowel ten aanzien van vakgenoten als ten aanzien van leken. Zo neemt de student actief deel aan de discussies tijdens de onderwijsbijeenkomsten, waar de student ook optreedt als gespreksleider. De student is ook in staat schriftelijk advies te verlenen.

  •  EC 
  • EC12 - De bachelor in de rechten kan op zelfstandige en heldere wijze mondeling en schriftelijk adequaat communiceren over juridische informatie, ideeën, argumenten, problemen en oplossingen. De bachelor in de rechten maakt hierbij desgevallend gebruik van de meest adequate gespreks- of presentatietechnieken. (algemene competentie)

     
  •  DC 
  • De student kan zowel schriftelijk als mondeling op een juridisch onderbouwde wijze communiceren over eigen ideeën, standpunten en oplossingen. De student kan oplossingen doordacht en bevattelijk presenteren.

  •  EC 
  • EC13 - De bachelor in de rechten onderkent ethische en sociaal-maatschappelijke aspecten in een juridische context. De bachelor in de rechten kan deze aspecten mee in rekening brengen bij het richting geven aan de oordeelsvorming. (algemene competentie)

     
  •  DC 
  • De student kan een juridisch onderbouwd standpunt, met inachtneming van ethische en sociaal maatschappelijke aspecten, innemen met betrekking tot de leerstof van de hoorcolleges en de opdrachten die de student voorbereidt voor de onderwijsbijeenkomsten.

  •  EC 
  • EC14 - De bachelor in de rechten toont een kritische attitude en is in staat het recht en juridische standpunten naar waarde te schatten, in vraag te stellen, en hierover te reflecteren. De bachelor in de rechten kan een argumentatie opbouwen en verdedigen. (algemene competentie)

     
  •  DC 
  • De student kan standpunten in de rechtsleer en de rechtspraak over arbeids- en socialezekerheidsrechtelijke vraagstukken kritisch beoordelen en desgevallend weerleggen.

  •  EC 
  • EC15 - De bachelor in de rechten kan op een actieve en constructieve manier bijdragen aan een gemeenschappelijke doelstelling, en dit al dan niet in teamverband (formeel of informeel). (algemene competentie)

     
  •  DC 
  • De student kan de opdrachten voor de onderwijsbijeenkomsten in teamverband voorbereiden. De student is ontvankelijk voor (tegen)argumenten van andere teamleden en kan mondeling of schriftelijk met hen in debat gaan.

  •  EC 
  • EC16 - De bachelor in de rechten is in staat de eigen aanpak en leerprocessen (in toenemende mate zelfstandig en zelfgestuurd) te plannen en te evalueren, en doet dit vanuit een ingesteldheid tot levenslang leren. (algemene competentie)

     
  •  DC 
  • De student heeft de ingesteldheid bij de voorbereiding van de opdrachten het meest recente bronnenmateriaal aan te wenden.

     
  •  DC 
  • De student kan in team een advies voorbereiden en dit aan de hand van vooraf opgelegde tussentijdse deadlines.

     
  •  DC 
  • De student volgt de actualiteit in het arbeids- en socialezekerheidsrecht op.

 

Plaats in het onderwijsaanbodTolerantie3
2de bachelorjaar in de rechten J
master in de rechten (equivalentieprogramma) J



1   Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 12.2, lid 2.
2   Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 15.1, lid 3.
3   Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 16.9, lid 2.