Methodologie 2 voor masterproef: Recht en technologie (9687) |
| Studiepunten: 6,0 | | Studiebelastingsuren: 162 | Periode: kwartiel 3 (6sp)  |
| Onderwijstaal: Nederlands | | Examencontract: niet mogelijk |
|
- Gebruik van nationale en internationale juridische databanken
- Beginselen van statistiek cf. Methodologie 1 voor masterproef: Interdisciplinaire onderzoeksmethoden
- Juridisch onderzoek en juridisch schrijven, cf. Methodologie 5: Bachelorscriptie, Methodologische vakken uit de bachelor en Methodologie 1 voor masterproef: Interdisciplinaire onderzoeksmethoden
- Gebruik van V&A
|
|
|
|
|
Dit opleidingsonderdeel beoogt studenten bewust te maken van het feit dat recht niet technologie-neutraal is.
Technologische ontwikkelingen beïnvloeden de wijze waarop recht tot stand komt en wordt gehandhaaft en waarop academisch en praktijkgericht juridisch onderzoek wordt verricht.
In een eerste deel van het opleidingsonderdeel verwerven de studenten kennis van en inzicht in de impact van digitalisering op de traditionele rechtsbeoefening (ontwikkeling en handhaving van recht, doctrinair en empirisch onderzoek met inbegrip van legal tech/AI-tools). Ze verwerven kennis van de technologische principes waarop legal tech tools zijn gebaseerd en leren deze kritisch te evalueren vanuit technisch, juridisch en ethisch oogpunt. Er wordt onder meer aandacht ook besteed aan databescherming, cybersecurity, ‘verborgen’ discriminatie.
In een tweede deel verwerven de studenten basiskennis inzake het gebruik van computationele methoden voor juridisch onderzoek. Studenten leren hoe deze onderzoeksmethodes kunnen worden ingezet voor juridisch onderzoek, onder welke voorwaarden dit zinvol is, hoe de vereiste data verzameld kan worden en hoe een computationele analyse kan worden uitgevoerd. Op basis hiervan ontwerpen en presenteren zij een plan voor een computationeel juridisch onderzoek.
|
|
| Verplichte handboeken (boekhandel) |
| |
Handboek 1:
Technologie en recht, Gielen G., Valcke P., De Bruyne J. en Hendrickx V., 2025, Owl Press
ISBN: 9789493410763 |
|
 
|
| Verplichte cursussen (gedrukt door boekhandel) |
| |
Cursus 1:
Subtitel: Blokboek
Extra info: |
|
 
|
| Opmerkingen |
| |
Binnen dit opleidingsonderdeel kan er gebruikgemaakt worden van anderstalige (waaronder Engelstalige) literatuur. |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Hoorcollege ✔
|
|
|
|
Onderwijsgroep ✔
|
|
|
|
|
|
|
|
Demonstraties ✔
|
|
|
|
Groepswerk ✔
|
|
|
|
Huiswerktaken ✔
|
|
|
|
Oefeningen ✔
|
|
|
|
Paper ✔
|
|
|
|
Presentatie ✔
|
|
|
|
Kwartiel 3 (6,00sp)
| Evaluatievorm | |
|
| Schriftelijke evaluatie tijdens onderwijsperiode | 60 % |
|
| Behoud van deelcijfer in academiejaar | Ja, met voorwaarde |
|
| Voorwaarde behoud van deelcijfer in academiejaar | De punten voor de opdrachten blijven behouden voor de tweede examenkans
indien de student hiervoor geslaagd was. |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| Mondelinge evaluatie tijdens onderwijsperiode | 10 % |
|
|
|
|
|
| Extra info | De schriftelijke evaluatie tijdens de onderwijsperiode bestaat uit een onderzoeksvoorstel (50%) en de beoordeling van de tool (10%).
De docent bepaalt in overleg met het Onderwijsmanagementteam en de studentenadministratie de planning en de examenvorm voor een eventueel inhaalexamen. De examenvorm kan afwijken van de examenvorm die werd gebruikt tijdens de reguliere examenperiode. De planning en examenvorm worden aan de student meegedeeld nadat de aanvraag van een inhaalexamen is goedgekeurd. |
|
Tweede examenkans
| Evaluatievorm tweede examenkans verschillend van eerste examenkans | |
|
| Toelichting evaluatievorm | In beginsel blijft de evaluatievorm bij de tweede examenkans hetzelfde als de eerste examenkans. Afhankelijk van het aantal deelnemers kan de evaluatievorm bij de tweede kans gewijzigd worden.
De schriftelijke onderdelen waarvoor de student geslaagd is tijdens de onderwijsperiode hoeven niet te worden hernomen. De betreffende cijfers worden overgedragen naar de tweede zit. |
|
|
|
|
Eindcompetenties | EC = eindcompetenties DC = deelcompetenties BC = beoordelingscriteria |
master in de rechten
|
- EC
| EC03 - De master in de rechten heeft inzicht in de recente maatschappelijke ontwikkelingen en het wetenschappelijk onderzoek in het vakgebied. (wetenschappelijk-disciplinaire kennis) | | | - DC
| De student heeft een basiskennis van computationeel juridisch onderzoek. | | | - DC
| De student heeft kennis en inzicht in de mogelijkheden en beperkingen van legal tech tools en in het bijzonder generatieve AI op het juridisch onderzoek. | - EC
| EC06 - De master in de rechten kan kritisch en op zelfstandige wijze verschillende (digitale) bronnen van het juridische vakgebied opzoeken, raadplegen en selecteren, zowel Nederlandstalige, Engelstalige als Franstalige bronnen. (algemeen wetenschappelijke onderzoekscompetentie) | | | - DC
| De student kan digitale bronnen van het juridisch vakgebied opzoeken en selecteren met behulp van legal tech tools en kritisch reflecteren over het gebruik van dergelijke tools. | - EC
| EC08 - De master in de rechten kan zelfstandig wetenschappelijk onderzoek verrichten op het niveau van een beginnend onderzoeker, hierover kritisch reflecteren en rapporteren. (algemeen wetenschappelijke onderzoekscompetentie) | | | - DC
| De student is zich bewust van de mogelijkheden en beperkingen van computationeel juridisch onderzoek. | | | - DC
| De student kan beoordelen of computationele onderzoeksmethodes geschikt zijn voor het beantwoorden van een bepaalde onderzoeksvraag. | | | - DC
| De student kan een onderzoeksplan uitwerken voor computationeel juridisch onderzoek. | | | - DC
| De student kan juridische tools op een verantwoorde manier gebruiken bij het uitvoeren van een doctrinair juridisch onderzoek; de student is zich bewust van de mogelijke impact van het gebruik van zulke tools op de kwaliteit van het verrichte onderzoek; de student kan reflecteren over de mogelijkheden en beperkingen om de technologische afhankelijkheid van de onderzoeksresultaten te beperken. | - EC
| EC11 - De master in de rechten is in staat om eigen ideeën, standpunten en oplossingen zowel schriftelijk als mondeling op een adequate manier te communiceren en te presenteren in diverse contexten en daarbij gebruik te maken van de Nederlandse, Engelse en Franse (rechts)taal. (algemene competentie) | | | - DC
| De student is in staat om eigen ideeën en standpunten omtrent de invloed van de digitalisering op het recht op een adequate manier te presenteren en daarbij gebruik te maken van de Nederlandse, Engelse en Franse (rechts)taal. | - EC
| EC13 - De master in de rechten onderkent ethische en sociaal-maatschappelijke aspecten in een juridische context, kan er kritisch over reflecteren en kan op basis van ethische aspecten, met inachtneming van de eigen verantwoordelijkheden als jurist, richting geven aan een eigen oordeelsvorming. (algemene competentie) | | | - DC
| De student onderkent ethische en sociaal-maatschappelijke aspecten in een juridische context in een wereld die gekenmerkt wordt door een steeds toenemende digitalisering, kan er kritisch over reflecteren en kan op basis van ethische aspecten, met inachtneming van de eigen verantwoordelijkheden als jurist, richting geven aan een eigen oordeelsvorming. | - EC
| EC14 - De master in de rechten bezit juridische kennis, elementaire kennis over informatie- en communicatietechnologieën, en digitale vaardigheden, die noodzakelijk zijn in een snel evoluerende digitale samenleving. De master in de rechten kan deze verworven competenties kritisch en ethisch verantwoord toepassen. (algemene competentie) | | | - DC
| De student beschikt over kennis van de technologische principes waarop over informatie- en communicatietechnologieën en in het bijzonder legal tech tools zijn gebaseerd en kan technologieën niet alleen gebruiken, maar ook kritisch evalueren vanuit technisch, juridisch en ethisch oogpunt. | - EC
| EC16 - De master in de rechten kan in teamverband, op een actieve en constructieve manier, bijdragen aan een gemeenschappelijke doelstelling in een multidisciplinaire context. (algemene competentie) | | | - DC
| De student kan mondeling op een constructieve manier in debat treden met andere studenten bij de beoordeling van juridische tools en het opzetten van een onderzoeksplan voor computationeel juridisch onderzoek. | | | - DC
| De student kan op actieve en constructieve wijze feedback formuleren op werkstukken, waaronder een onderzoeksvoorstel van andere studenten, in de vorm van peer reviews en dit op basis van vooraf bepaalde objectieve criteria. | | | - DC
| De student kan samenwerken met andere studenten aan gemeenschappelijke opdrachten en een computationeel-juridisch onderzoeksvoorstel. |
|
|
|
|
| Plaats in het onderwijsaanbod | Tolerantie3 |
|
Master in de rechten jaar 1 kern verplicht
|
J
|
|
|
1 Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 12.2, lid 2. |
| 2 Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 15.1, lid 3. |
3 Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 16.9, lid 2.
|
|
|