| Studiepunten: 3,0 | | Studiebelastingsuren: 81 | Periode: semester 1 (3sp)  |
| Onderwijstaal: Nederlands | | Examencontract: niet mogelijk |
|
|
De student beschikt over een grondige basiskennis van de toeristische sector en heeft inzicht in fundamentele toeristische concepten en processen (zoals aangereikt in het opleidingsonderdeel 'Inleiding tot Toerisme' of een gelijkwaardig historisch/geografisch/economisch basisvak). De student is in staat om Engelstalige en Nederlandstalige literatuur en online bronnen op te zoeken, kritisch te evalueren en correct te synthetiseren. De student heeft eveneens voldoende basiscompetenties in primaire kwantitatieve en kwalitatieve onderzoekstechnieken (zoals aangereikt in de opleidingsonderdelen 'Research Methodology and Literature Study', ‘Kwantitatieve onderzoeksmethoden’, ‘Qualitative Research Methods’ of gelijkaardige vakken uit de vooropleiding).
|
|
|
|
|
De buitenlandse excursie toerisme laat de studenten kennis maken met een toerisme bestemming in een Europees land (Frankrijk, Nederland, Ierland, UK....) waarvan de thematiek kan gerelateerd worden aan de inhoud van andere inhoudelijke modules zoals ‘Toerisme marketing’, ‘Beleid, plenning en management’, ‘Sustainable tourism management’ en ‘Destination marketing’. Naast het in de praktijk brengen van kennis en vaardigheden, is ook het internationaal comparatieve element (benchmarking ten opzichte van de bestemming Vlaanderen en het bestuderen van best en worst practices in Destination Management) van belang. Het vak bestaat uit een seminarie-onderdeel en een excursie-onderdeel. Voorafgaand aan het terreinwerk bereiden de studenten de excursie voor op basis van introducerende lesmomenten en raadpleging van wetenschappelijke literatuur en andere bronnen die betrekking hebben op de excursiebestemming. Gedurende de excursie wordt zoveel mogelijk gewerkt met lokale experten vanuit een academisch milieu of vanuit de praktijk. De studenten dragen bij tot de inhoud door terreinwerk o.b.v. interviews/enquêtes rond bepaalde thema's, door in discussie te gaan met lokale experten en deze nieuwe informatie te rapporteren via presentaties en verslaggeving.
|
|
| Verplicht studiemateriaal |
| |
Presentaties en artikels. |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Excursie/veldwerk ✔
|
|
|
|
Hoorcollege ✔
|
|
|
|
|
|
|
|
Discussies /debat ✔
|
|
|
|
Groepswerk ✔
|
|
|
|
Presentatie ✔
|
|
|
|
Seminarie ✔
|
|
|
|
Verslag ✔
|
|
|
|
Semester 1 (3,00sp)
| Evaluatievorm | |
|
| Schriftelijke evaluatie tijdens onderwijsperiode | 30 % |
|
| Behoud van deelcijfer in academiejaar | Ja, met voorwaarde |
|
| Voorwaarde behoud van deelcijfer in academiejaar | Enkel over te dragen binnen zelfde academiejaar. |
|
|
|
|
|
|
|
|
| Mondelinge evaluatie tijdens onderwijsperiode | 20 % |
|
| Behoud van deelcijfer in academiejaar | Ja, met voorwaarde |
|
| Voorwaarde behoud van deelcijfer in academiejaar | Enkel over te dragen binnen zelfde academiejaar. |
|
|
|
|
|
|
|
|
| Schriftelijk examen | 50 % |
|
| Behoud van deelcijfer in academiejaar | Ja, met voorwaarde |
|
| Voorwaarde behoud van deelcijfer in academiejaar | Enkel over te dragen binnen zelfde academiejaar. |
|
|
|
|
|
|
|
|
| Evaluatievoorwaarden (deelname en/of slagen) | ✔ |
|
| Voorwaarden | De studiereis (of vervangende opdracht voor wie niet mee kan) maakt deel uit van het opleidingsonderdeel en is dan ook verplicht. De student dient niet-deelname aan de studiereis (of de vervangende opdracht) te melden vóór/ uiterlijk op de datum zoals gecommuniceerd op Blackboard, en zal een vervangopdracht moeten maken. De niet-deelname na die datum moet de student wettigen en vervolgens inhalen aan de hand van een vervangopdracht. Deze opdracht dient tijdig en correct te worden ingediend. |
|
|
|
| Gevolg | Ongewettigde afwezigheid voor de studiereis die door de student meegedeeld wordt na de vastgelegde datum (of de vervangende opdracht) of het niet tijdig en correct indienen van de inhaalopdracht wordt negatief in rekening gebracht bij de eindevaluatie van het opleidingsonderdeel. |
|
|
|
Tweede examenkans
| Evaluatievorm tweede examenkans verschillend van eerste examenkans | |
|
|
Eindcompetenties | EC = eindcompetenties DC = deelcompetenties BC = beoordelingscriteria |
Master in het toerisme
|
- EC
| EC 01: Beschikken over grondige kennis van het toeristische fenomeen en inzicht in toeristische ontwikkelingsprocessen. | - EC
| EC 03: Beschikken over een grondige kennis van en het hebben van voldoende inzicht in complexe, multidisciplinaire en globale toeris tische problemen. | - EC
| EC 04: Kunnen doorgronden, met behulp van de specifieke vaardigheden, van de complexiteit van het multidimensionale toeristische systeem van plaatsen, bedrijven, consumenten, overheidsinstellingen en lokale bevolkingen, en dit daarna begrijpen, analyseren, en vertalen in beleid. | - EC
| EC 05: Analyseren, vanuit maatschappelijke, economische, bedrijfskundige, geografische en milieukundige invalshoek, en vervolgens situeren van de impact die het toerisme heeft op verschillende ruimtelijke schaalniveaus en zowel in een publieke als in een private c ontext. | - EC
| EC 11: Over de nodige attitudes en vaardigheden beschikken om in teamverband te participeren in een multidisciplinaire en internationale professionele omgeving. Juist door het interdisciplinaire karakter van de opleiding in staat zijn een wezenlijke rol te vervullen in organisaties die werkzaam zijn in het toerisme of in een aan toerisme gelieerde activiteit. | - EC
| EC 13: Een beargumenteerd standpunt kunnen innemen en dit mondeling kunnen verdedigen tegenover peers en experts alsook schriftelijk communiceren naar het brede publiek. | - EC
| EC 14: Zowel in het Nederlands als het Engels en zowel schriftelijk als mondeling kunnen rapporteren, communiceren en presenteren, rekening houdend met de deontologische gedragsregels. | - EC
| EC 17: Beschikken over verbredende kennis en vaardigheden die van toepassing zijn op de verschillende kwesties die relevant zijn voor het toeristische onderzoek. | - EC
| EC 18: Beschikken over verbredende kennis en vaardigheden die van toepassing zijn op het professionele toeristische bedrijfsleven. |
|
|
|
|
| Plaats in het onderwijsaanbod | Tolerantie3 |
|
Master in het toerisme verplicht
|
N
|
|
|
1 Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 12.2, lid 2. |
| 2 Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 15.1, lid 3. |
3 Onderwijs-, examen- en rechtspositieregeling art. 16.9, lid 2.
|
|
|